De meest gelezen schrijver van China
Column door Annelies Verbeke (4 juni 2018)
Toen ik Flesjes knallen van Yu Hua zat te lezen, besefte ik dat ik waarschijnlijk nog nooit eerder een Chinese auteur las die in eigen land populair is. Ik had de maatschappijkritische essays en gedichten van Liu Xiabo gelezen, die voor zijn geschriften vervolgd en opgesloten werd en vorig jaar in gevangenschap stierf. En ik had verhalen van Yiyun Li gelezen, die in de Verenigde Staten woont en zegt dat wat ze schrijft haar in China in gevaar zou brengen.

Een China-deskundige hoorde ik ooit zeggen dat dat niet betekent dat elke auteur die in China wel zonder censuur of vervolging wordt uitgegeven daarom saai of staatsbevestigend schrijft. Vaak gaat het erom voldoende binnen de lijntjes te kleuren en tegelijk toch zoveel mogelijk te zeggen wat men wil - dat is in menig autoritair regime zo. En geen enkele auteur is voor altijd veilig. Maar vooralsnog is Yu Hua de meest gelezen schrijver van China. De verhalen in Flesjes knallen schreef hij tussen 1986 en 1998. Vanaf het jaar tweeduizend verschenen er enkel nog essays en romans van zijn hand, waarvan er vier eerder in het Nederlands werden uitgegeven.

De verhalen werden in het Nederlands vertaald door een heel team, onder de redactie van Jan De Meyer, die ook een interessant nawoord schreef. Daarin wijst hij er onder andere op dat het werk van Kafka, Marques en Borges na het maoïstische tijdperk van grote invloed was op dat van Chinese auteurs, zo ook op dat van Yu Hua. Goed dat De Meyer me even uit mijn Westerse bubbel haalt met dit gegeven en me erop wijst dat het Chinese literaire landschap meer verbonden is met de rest van de planeet dan ik dacht.

Een van de eerste verhalen in de bundel, 'Bloed en pruimenbloesems', vond ik moeilijk om te volgen. De Meyer legt uit dat het aansluit bij de traditionele vechtkunstroman. Ook in het daaropvolgende 'Het verleden en de straffen' kon ik moeilijk inkomen, al staan er intrigerende gedachten in, zoals: 'We leven in feite altijd in het verleden. Het nu en de toekomst zijn niet meer dan twee trucjes die het verleden met ons uithaalt.'

Het mooiste verhaal in de bundel, 'Voorouder', geeft een commentaar op de onwaardige omgang met dat verleden, met de menselijke verbondenheid. De verteller beschrijft hij hoe hij als baby door een grote, harige, zachtaardige voorouder in de armen werd genomen en bijna mee het bos in werd gedragen. Als kind ziet hij de figuur nog eens terug. De verteller heeft 'nog nooit zo'n vertrouwd gevoel gekregen'. Maar geweld maakt een abrupt einde aan de symbiose. Het verhaal gaat tevens over de wankele relatie van zijn ouders en het leven op het platteland.

De meeste verhalen spelen zich binnen een herkenbaarder kader af. Ook Chinezen geven zich over aan verliefdheden, echtelijke ruzies, ontrouw, feestelijke uitspattingen en geschillen tussen ouders en kinderen. Met betrekking tot dat laatste thema vond ik 'Hun zoon' uit 1995 intrigerend. Het beschrijft de omgang van een stel met hun verwende zoon, die het maar normaal vindt dat zijn ouders grote financiële opofferingen voor hem maken. Hij haalt de oortjes enkel uit zijn oren om dat kortaf te kennen te geven. Het lijkt me, naast een situatie die overal kan voorkomen, ook een verdoken kritiek op het eenkindbeleid.

De humor in de bundel is opvallend scatologisch. Ik weet niet of dat iets typisch Chinees is. Ook is er opvallend veel geweld in deze verhalen. De wreedheden die personages met elkaar uithalen zijn verregaand en vaak ten koste van mensen die uiterlijk of geestelijk al uit de toon vallen. Dat is zo in 'Waarom er geen muziek was', waarin iemand er van geniet zo'n buitenbeentje een video te laten zien waarop hij seks heeft met diens vrouw. En zeker in 'Ik heb geen eigen naam', een verhaal over een geestelijk achtergesteld persoon die zwaar en in toenemende mate wordt gepest door een groep jongemannen. Ik kon het bijna niet uitlezen, moet ik toegeven; zoveel wrede onrechtvaardigheid, die extra hard aankomt omdat het verhaal zeer overtuigend verteld is vanuit het perspectief van dit personage. Een gelijkaardig personage, een hongerige kruimeldief, wordt voor dood achtergelaten in 'De jongen in het schemerlicht'. Bijzonder is het einde van dit verhaal, waar we onverwacht geconfronteerd worden met het verdriet van zijn beul.

Yu Hua schrijft actiegericht. We deinen niet mee op de gevoelens van een personage, maar de psychologische diepgang sijpelt door de handelingen. Wat niet uitsluit dat de auteur ons vaak ook een mooie poëtisch verwoorde vergelijking of metafoor schenkt. In het laatste verhaal, 'Vrienden', schrijft hij: 'Hevig trillend liep ik vervolgens de deur uit en liep ik langs de rivier, mijn hand gleed over de reling, ik zag de avondhemel drijven in het rivierwater, en mijn gemoed werd koud als klei, als as na een felle brand.'
Delen
Koppelingen
Personen
Boeken
Meer columns
Oude demonen, nieuwe goden Door Annelies Verbeke (03-12-2018)
Literatuur en handen Door Rodaan Al Galidi (14-11-2018)
De val / Pech / Smithy Door Annelies Verbeke (02-11-2018)
Lang leve het KNIR! Door Rodaan Al Galidi (17-10-2018)
Een vleesgeworden Alice in Wonderland Door Annelies Verbeke (01-10-2018)