Vrijheid
Column door Annelies Verbeke (5 maart 2018)
Goede literair vertalers zijn, hoe bescheiden zij zich ook gedragen, heldhaftige idealisten. Ze zijn bij machte te verhinderen dat waardevolle auteurs in de poel der vergetelheid verdrinken. Enige tijd geleden tikte Guy Posson, een vertaler en Latijns-Amerikakenner op leeftijd, die ik oppervlakkig ken, mij beleefd op de schouder om me te melden dat hij korte verhalen van de mij onbekende Mexicaanse auteur Juan José Arreola (1918-2001) had vertaald, en dat die zouden verschijnen bij de mij al even onbekende Uitgeverij Oevers. Ik ben hem hier heel dankbaar voor.

In zijn liefdevolle nawoord beschrijft Posson zijn vriendschap met Arreola - een hoogst intense man, die zijn gastheer na elk bezoek doodop maar blij achterliet. Arreola was een autodidact die een klein oeuvre naliet. Hij was een voorloper van auteurs als Márquez en Vargas Llosa. Dat Arreola in het Westen niet in die mate doorbrak, heeft er volgens Posson vooral mee te maken dat hij zich niet voor de socialistische Zaak inspande en dat zijn oeuvre zo eigenzinnig en surrealistisch was. Hij had veel gemeen met Jorge Luis Borges, die zijn grote bewondering uitdrukte voor Arreola en hem het grootste compliment gaf dat een auteur mijns inziens kan krijgen: 'Mocht men mij verplichten Juan José Arreola samen te vatten met één enkel woord, dan is dit woord, naar mijn stellige overtuiging, vrijheid.'

Het wonderbaarlijke milligram is een vertaling van Confabulario, zijn doorbraakbundel uit 1952, met hierin 27 korte verhalen, 'fabels' zo men wil. Het is mooi dat het boek is opgenomen in de Schwob-reeks van het Nederlands Letterenfonds, want enkele fragmenten uit het werk van Marcel Schwob die Arreola in zijn jeugd oppikte, betekenden een artistiek richtsnoer voor hem. Het eerste verhaal deed me meteen paf staan. Ik voel me al geruime tijd enkel nog thuis bij absurdisten (of surrealisten - niet hetzelfde, besef ik, maar er zijn raakvlakken, zo ook bij Arreola). Het is heerlijk wanneer je een beeld dat een auteur gebruikt mee aanvoelt als het enige juiste om over een bepaald gevoel te schrijven. 'Paturient montes' gaat in feite over de kloof tussen kunstenaar-auteur en publiek. Telkens weer moet een man het verhaal over 'de baring der bergen' vertellen, mensen worden agressief als hij het niet doet. Wanneer hij eindelijk een toehoorder in de ogen kijkt van wie hij het gevoel krijgt dat ze hem volledig begrijpt, ontstaat er een muisje in zijn oksel. Het glijdt door zijn mouw zijn hand in. Hij geeft het haar. Wat prachtig. Helaas zal de toehorende vrouw het diertje thuis aan haar kat geven.

Ook het verhaal 'Pablo' blies me van mijn sokken. Net als vele andere van Arreola's verhalen, begint het met een onvergetelijke zin: 'Op een ochtend gelijk alle andere, waarin de dingen leken op wat ze altijd al waren, en in de kantoren van de Centrale Bank het geroezemoes zich verspreidde als een monotone regenvlaag, werd Pablo's hart bezocht door de genade.' In een extatisch moment doorgrondt Pablo God en begrijpt hij alles, zoals het feit dat God over de mensen is verspreid, en de notie van zijn eigen volmaaktheid. Pablo begrijpt ook dat hij daarover moet zwijgen. De revelatie brengt verdriet met zich mee. Aangezien zijn eigen volmaaktheid de anderen overbodig maakt, en Pablo de mensheid die overbodigheid niet kan aandoen, beslist hij te sterven.

Arreola's verhalen zitten vol met boeiende religieuze beschouwingen. In 'Gods stilzwijgen' schrijft het ik-personage in een brief aan God dat hij een goed mens wil zijn, en vraagt hij om richtlijnen. God stuurt een prachtig antwoord terug. Arreola beweerde dat hij zichzelf in zijn verhalen ten tonele voerde. Dat hij zowel een overlopend vat energieke, kinderlijke vrolijkheid was als een mens die een grote depressie doorworstelde, zoals Guy Posson beschrijft, wordt volstrekt aannemelijk in deze verhalen.

Zijn zwak voor vrouwelijk schoon stond zijn geweten in de weg. Hij spaart de mannen niet, getuige de hoorndrager in 'Dorpsverhaal'. In 'De rinoceros' laat hij een man die een echtgenote voor een jongere vrouw inruilde treffend en geamuseerd door die ex-echtgenote beschrijven. Er is veel dat ze niet aan hem mist, zoals 'zijn opdringerige, plechtstatige geilheid.' Dat woord 'plechtstatig' hier is geweldig, en dat is Arreola's woordkeuze vaak.

Foto: Alex Salinas
Delen
Meer columns
Oude demonen, nieuwe goden Door Annelies Verbeke (03-12-2018)
Literatuur en handen Door Rodaan Al Galidi (14-11-2018)
De val / Pech / Smithy Door Annelies Verbeke (02-11-2018)
Lang leve het KNIR! Door Rodaan Al Galidi (17-10-2018)
Een vleesgeworden Alice in Wonderland Door Annelies Verbeke (01-10-2018)