Interview met Artur Domoslawski
‘Alles van waarde ontstaat uit onzekerheid’
Door Guus Bauer (16 juli 2013)
De Poolse schrijver Ryszard Kapuscinski (1932–2007) wordt wel beschouwd als de belangrijkste journalist van de twintigste eeuw en gezien als de grondlegger van de literaire reportage. Hij versloeg talloze conflicten in Afrika, Azië en Latijns-Amerika. De stijl en de vorm waren voor hem belangrijker dan het vastleggen van de exacte feiten. Zijn pupil Artur Domoslawski, journalist bij de belangrijkste Poolse krant Gazeta Wyborcza, schreef Kapuscinski : non-fictie, een biografie van een legendarisch journalist.

Op welk punt besloot Kapuscinski om van zichzelf een personage te maken?
‘Hij vertelde mij dat hij in de jaren zeventig genoeg had van de narratieve stijl die hij tot dan toe hanteerde en eindelijk de mogelijkheden van de taal ten volle wilde onderzoeken en benutten. Hoewel hij naar buiten toe heel zelfverzekerd over kon komen, was hij als journalist vrij onzeker. Via zijn teksten sprak hij zichzelf als het ware moed in. Het boek Nog een dag, over de revolutie in Angola, zou je als een kruispunt kunnen zien. Daarin is hijzelf de belangrijkste protagonist. In die tijd werkte hij voor een Pools cultuurmagazine en de redacteur zat te wachten op een stuk over Ethiopië, maar Kapuscinski had een writer’s block en eigenlijk niet veel te melden. Toen besloot hij de gebeurtenissen naar zijn eigen hand te zetten. Zo vond hij zijn nieuwe stem. Maar misschien is dat ook wel weer een verhaal van zijn hand.’

Eerder de werkwijze van een romancier dan van een journalist?
‘Hij verzuchtte tegen het eind van zijn leven dat hij liever romanschrijver was geworden. Zijn vroegere boeken waren journalistieke werken, hoewel hij ook toen al wel in de ik-vorm schreef. Zijn meeste beroemde boeken zou je hybriden kunnen noemen. Met zijn ‘bekentenissen’ zette hij je weleens op het verkeerde been. In die zin was hij een echte romanschrijver. De keizer beschouw ik als een pure roman, vanwege de ontegenzeggelijke poëtische stem. Als je dat boek labelt als journalistiek, maakt het minder uit hoe iemand schrijft, welke techniek er wordt gehanteerd.’

Voelde hij zich een poète maudit, een miskend dichter?
‘Ik ben het eens met de schrijvers en dichters die zeggen dat hij een zeer poëtische stijl had in zijn proza. Hij kon heel mooi ingetogen schrijven. Maar als dichter was hij niet slecht, maar ook niet excellent, een beetje gemiddeld. Hij las en schreef veel poëzie en heeft meermaals laten doorschemeren dat hij graag een groot dichter had willen zijn. Het heeft zijn stijl wel gevormd. Hij nam graag details als basis en vertelde daaromheen het verhaal.’

Naast zijn pupil was u ook zijn vriend en vertrouweling. Toch lijkt het na lezing van uw biografie alsof u hem niet echt heel na bent gekomen?
‘Kapuscinski was een mysterie en hij voedde dat zelf bewust. Het maakt iemand natuurlijk heel interessant als je hem of haar niet helemaal kunt plaatsen. Een rookgordijn geeft een zeker sexappeal. Een aantal aspecten heb ik dankzij jaren studie en reflectie naar mijn idee wel kunnen doorgronden, maar heel persoonlijke zaken wist hij bijzonder goed af te schermen. Het is arrogant als je als biograaf denkt dat je iemand helemaal kunt doorgronden. Ik citeer Patrick French, de biograaf van Naipaul. “Het beste waarop een biograaf mag hopen is licht te werpen op bepaalde aspecten van een leven en glimpen van het subject te bieden en zo een verhaal te vertellen.” Je kunt proberen om het leven in de context van de tijd en de omstandigheden te plaatsen.’

Kapuscinski moet een goede luisteraar zijn geweest?
‘Hij gaf mensen het idee dat ze met hem de ontmoeting van hun leven hadden. Terwijl het toch eigenlijk zo was dat zij voortdurend aan het woord waren. Toen ik voor het boek research deed, sprak ik veel van zijn vrienden en kennissen. Gedurende de gesprekken bleek vaak dat ze, op een paar uitzonderingen na, eigenlijk over hem niet zoveel te vertellen hadden. Zelfs voor zijn vrouw en de rest van zijn familie hield hij een groot gedeelte van zijn leven verborgen.’

Gebruikt u daarom in het begin vaak foto’s waarbij u een verhaal vertelt, als het ware om het plaatje te schetsen?
‘Dat is een hommage aan het boek De Sjah aller Sjahs, over de Iraanse revolutie in 1979, waarbij Kapuscinski dezelfde methode toepast. Ik gebruikte zijn techniek om een beetje met de lezer te spelen.’

De invloed van zijn vader en moeder moet groot zijn geweest, maar veel vertelt u er niet over.
‘Ik hoop dat het weinige dat ik heb kunnen vinden en uit gesprekken heb kunnen opmaken, een zeker beeld schetst. Af en toe moet je ook met hypotheses werken en de lezer zelf een mening laten vormen. Waarom heeft hij bijvoorbeeld verteld dat zijn vader ontsnapt is uit de trein die Poolse militairen in de Tweede Wereldoorlog bracht naar de Russische plaats Katýn, de plek waar de massa-executies plaatsvonden. Ik heb bewijs gevonden dat zijn vader helemaal niet in die trein zat. Als iemand uit zo’n situatie zou ontsnappen, was dat een familielegende geweest. Zijn zuster die ik meermaals heb gesproken, wist van niets. Ook zijn oom kende de geschiedenis niet. Het is duidelijk dat hij dergelijke verhalen verzon om de waarheid te verbergen en zichzelf te beschermen.’

Ook tegen het systeem? Uw boek gaat toch ook over de geschiedenis van het Poolse communisme?
‘Generatiegenoten van Kapuscinski waren jonge idealisten, werden daarna vaak dissident en na de val van het communisme neoliberaal. In zijn geval lag het anders. Eerst was hij een vurig stalinist en daarna stond hij achter het revisionisme, maar artikelen voor de oppositie wilde hij niet schrijven, noch sloot hij zich aan bij Solidarnosc. Hij institutionaliseerde de revolutie. Daarom was hij steeds op zoek naar de “pure revoluties” ergens op de aardbol. In zekere zin was hij een romanticus. Hij bleef heel lang trouw aan de partij omdat hij in de derde wereld getuige was van de destructieve kracht van het kolonialisme. Hij had wel kritiek op het systeem in Polen, het was niet onfeilbaar, maar toch was het in zijn ogen beter dan wat hij mee had gemaakt in Afrika en Zuid-Amerika.’

Je krijgt soms het idee dat hij in feite versluierd over de toestand in Polen bericht wanneer hij over deze landen schrijft.
‘Dat geldt zeker voor zijn latere werk, wanneer hij definitief teleurgesteld is in het communisme en zijn lidmaatschap inlevert. Maar wanneer hij schreef over de “romantische revoluties” in Afrika, voorzag hij de Partij in Polen wel degelijk van wat in zijn ogen een goed voorbeeld was. Net als iedereen was hij ook wars van de immense bureaucratie. Hij geloofde lang in de ware revolutie. Na de val van het communisme, echode hij wat neoliberale meningen, maar voelde zich daar toch niet goed bij. Na een paar jaar was zijn linkse inborst weer hersteld. Op de romantische wijze, niet gelieerd aan een of andere beweging. Want links is een ruim begrip.’

Werkte Kapuscinski misschien mee met het communistische systeem om juist het land te kunnen verlaten voor reportages?
‘Er waren veel journalisten die een dergelijk motief hadden. Je moet tot op zekere hoogte meedoen met een systeem om het te kunnen ontvluchten. Je verkoopt een deel van je ziel om te kunnen reizen. Maar Kapuscinski had lang een rotsvast geloof in het communisme. Hij was geen cynicus die zijn vrienden van de partij gebruikte. Hij was een van hen. Als geen ander wist hij de wegen te bewandelen. Maar je kan een oprechte aanhanger zijn en toch op de fouten wijzen. Een echte vriend durft je op je falen te wijzen. Het communisme was in Polen beslist milder dan in andere Warschaupactstaten. Er zijn periodes geweest dat er haast geen politieke gevangenen waren. Na Stalins dood in 1954 tot aan het protestjaar 1968 bijvoorbeeld. In de jaren zeventig werden oppositieleden over het algemeen 48 uur vastgezet en daarna weer vrijgelaten. Voor een kind van de Tweede Wereldoorlog die ook veel ellende heeft gezien, veroorzaakt door het kolonialisme, was het systeem imperfect perfect. Het culturele leven in Polen had niet te lijden onder het communisme. Sommige van de beste boeken, films en theaterstukken verschenen in die periode. Je kunt het communisme dus niet over een kam scheren. Men moet zich afvragen over welk land en over welke periode we het hebben.’

Was Kapuscinski een activist?
‘In de jaren vijftig in Polen zeker en ook tijdens de oorlog in Angola. Hij was de enige die met de Russische adviseurs kon spreken. Als vertaler heeft hij daar wel een rol gehad. Al weten we wederom niet veel over die periode. Je moet vaak werken met bronnen uit de tweede hand. Enig speculeerwerk komt er dus wel bij kijken. Hij was een meester in het vermijden van lastige vragen in interviews. Vooral als het over ontmoetingen ging met wereldwijd bekende figuren.’

Tegen het einde van zijn leven was Kapuscinski wereldberoemd maar hij bleef onzeker.
‘Alles van waarde ontstaat uit onzekerheid. Dat is de basis van de creativiteit. De roem die hem ten deel viel, maakte hem helemaal niet gelukkig. Hij was zeer charmant, kreeg pas tegen het einde van zijn leven wat kritiek, maar werd wereldwijd bewonderd als schrijver. Er waren momenten dat hij tevreden was, dat de goede ontvangst van een boek hem een zekere voldoening bracht, maar die momenten waren altijd kort. Na zijn dood ben ik veel in zijn werkkamer geweest. Je zou kunnen zeggen dat ik daar weken met hem alleen heb doorgebracht. Hij was een idealist die de wereld met zijn verhalen wilde verbeteren, maar tegelijk besefte hij dat teksten daartoe ontoereikend zijn.’

Foto Ryszard Kapuscinski: Klaas Koppe.

Delen
Koppelingen
Meer interviews
Interview met Max Porter Door Guus Bauer (03-07-2019)
Interview met Gunnar Staalesen Door Guus Bauer (07-06-2019)
Interview met Takis Würger Door Guus Bauer (28-05-2019)
Interview met Elvis Peeters Door Guus Bauer (06-05-2019)
Interview met Renée Knight Door Guus Bauer (23-04-2019)