Interview met Deborah Levy
‘Kennis maakt ons leven niet noodzakelijkerwijs gelukkiger’
Door Guus Bauer (12 december 2013)
De roman Terug naar huis van de in Londen wonende Zuid-Afrikaanse schrijfster Deborah Levy (1959) kwam in 2012 op de shortlist van Man Booker Prize terecht. Binnenkort volgt een verfilming.

‘Ik ben Terug naar huis begonnen met een quote uit La Révolution surréaliste uit 1924: “In ieder gezin vertellen mannen, vrouwen en kinderen ’s morgens wat ze hebben gedroomd als ze niets beters te doen hebben. Wij zijn allen aan de genade van de droom overgeleverd en het aan onszelf verplicht de kracht van de droom ook in wakende staat te ondergaan.” ’

Diagram van het onderbewustzijn
‘Vooral dat zinnetje als ze niets beters te doen hebben is voor mij heel belangrijk. In beginsel gaat het hier om de dromen die we ’s nachts hebben. Dat diagram dat ons onderbewustzijn voor ons vormt naar aanleiding van onze angsten en verwachtingen. Maar het gaat natuurlijk ook om het leven wat wij onszelf en onze naasten wensen. De droom van een geweldige carrière of het maken van bijvoorbeeld een uniek kunstwerk.’

‘Met dit in gedachten wilde ik een karaktergedreven roman schrijven. Zo sec mogelijk, zodat de lezer direct in de binnenruimte, het hoofd van de protagonisten terecht zou komen. Ik heb daarvoor een cliché genomen: een familievakantie in Zuid-Frankrijk, een villa in de heuvels rond Nice, midden jaren negentig van de vorige eeuw. Vader, moeder, een kind en wat vrienden van de familie. Mannen en vrouwen die het beste met elkaar voor hebben. Lees: ze zouden het liefst een bijl ter hand nemen. In het zwembad duikt op een dag een vreemdeling op, een mooie, jonge en bovenal naakte vrouw.’

Iedereen gelijk
‘Om een of andere reden, die een beetje duidelijker wordt in het verloop van de roman, biedt de moeder het meisje het logeervertrek aan. Ik moest een manier vinden om dit cliché te ontkrachten. Clichés zijn honderd procent waar, maar reduceren de verschillende waarheden tot een enkel afgezaagd beeld. Dit stereotype wilde ik met eenvoudige middelen complex maken, zoals het leven zelf.’

‘Daarom strooi ik bijvoorbeeld met namen voor de vader: de beroemde dichter Joe, de Joodse poëet, de post-Holocaust dichter, JHJ de performer, de atheïstische dichter. Met zoveel verschillende identiteiten maak ik hem als het ware onsamenhangend. Als schrijvers worden we geacht om coherente personages te scheppen. Daar was ik in dit geval niet in geïnteresseerd. Daarnaast wilde ik dat alle protagonisten dezelfde existentiële kwaliteit zouden hebben, zonder dat ik een mening over ze zou geven. Er zijn geen hoofd- en bijpersonages in deze roman. Iedereen is gelijk. Democratisch, niet waar? Nogal ongewoon voor een schrijver.’

Parallelle werelden
‘Het is ook voor mij de eerste keer dat ik iedereen dezelfde ruimte gun voor dagelijkse kwesties en innerlijke beslommeringen. De Duitse conciërge Jürgen krijgt net zoveel aandacht als de Franse ober Claude. In die zin is dit een boek vol parallel naast elkaar werkende werelden die toch grote invloed op elkaar hebben.’

‘Het is een roman met veel beweging. Joe is geboren als Jozef in Polen in 1939. Hij is Joods en in de bossen verstopt toen hij vijf jaar oud was. “Je kunt niet terugkomen naar huis,” zeiden zijn ouders tegen hem. Dergelijke woorden worden niet vaak, zeg maar nooit, met liefde gezegd. Ik vroeg me af wat dat zou betekenen voor zijn relatie met de liefde. Is hij misschien daarom iemand die rondfladdert, die de betekenis bij vooral fragiele vrouwen zoekt? Drie dagen nadat Joe naar Engeland is gesmokkeld, sterven zijn ouders in een vernietigingskamp.’

Ondraaglijke kennis
‘Kennis maakt ons leven niet noodzakelijkerwijs gelukkiger. Het is lastig om de geest weer in de fles te krijgen. Joe’s vrouw Isabel is een oorlogscorrespondente. Volgens Joe gaat Isabel liever naar een oorlogsgebied dan thuis te blijven om daar de vernedering van overspel mee te maken. Daar zit wellicht een kern van waarheid in. Maar Isabel zou liever alle gruwelijkheden niet gezien willen hebben. Zij zou ook wel weer een beginner in het leven willen zijn. Wat kost het en hoe leven we met de ondraaglijke kennis die we, voornamelijk tegen onze wil, hebben opgedaan? Een wens om weer blanco te kunnen zijn.’

‘Opgesmukte taal had daarom in deze roman niet gepast. Ik ben veel meer geïnteresseerd in wat er niet wordt gezegd. Iets dat mensen buiten een verhaal laten, is vaak het meest belangwekkende.’

Telepathie
‘Wanneer je van een personage in een boek een dichter maakt, dan vraag je natuurlijk om moeilijkheden. Ik besloot daarom dat hij nooit en te nimmer als een dichter mag spreken. Er wordt hoogstens aan een paar regels van hem gerefereerd. Hij is een grote vent die een klerenkast met zijn tanden kan optillen als er een mooi meisje in verstopt zit. Ik denk niet dat John Keats of Shakespeare erg gespierd waren. Ik heb alleen van Joe een poëet gemaakt opdat hij zijn donkerste gedachten in zijn gedichten kon verstoppen. Hij is gedurende het hele boek uiterst vreugdevol, maar we weten dat daarachter een heel donker historisch drama schuilgaat.’

‘Kitty Finch, het meisje in de logeerkamer, denkt dat ze telepathisch met hem in contact staat. Sigmund Freud geloofde in telepathie, maar hij sloot zichzelf ervoor af, omdat hij dacht dat het inslaan van die weg schadelijk kon zijn voor zijn geloofwaardigheid en dus zijn carrière. Maar als je over lezen en schrijven nadenkt, is de lezer eigenlijk altijd bezig om te raden naar wat de schrijver van plan is. In die zin staat de lezer als het ware telepathisch in contact met de tekst. Kitty Finch voelt aan dat Joe hele duistere gedachten heeft omdat ze die zelf ook heeft. Zij is ervan overtuigd dat Joe in gevaar is en dat zij hem kan redden. Niet voor niets noemt ze haar gedicht ‘Terug naar huis’. Het is een bericht aan Joe, een waarschuwing. Maar hij wil haar werk niet lezen. Of in ieder geval niet “de boodschap” erin.’

Ontdaan van alle franje
‘Dat is ook een vraag in deze roman. Kunnen we elkaar redden van onze meest duistere gedachten? Het boek houdt zich bezig met de onderwerpen depressie en repressie. Het is een roman van bescheiden omvang, maar in de thematiek ben ik niet bescheiden. De roman is bewust ontdaan van alle franje. Daarom speelt hij zich af aan de Franse Zuidkust. De luchten zijn altijd blauw. Ik wilde geen wolkjes gebruiken als metafoor voor een gemoedstoestand van een van de personages. Er zijn veel verwijzingen. Kitty is bijvoorbeeld niet voor niets botanicus. Planten zijn altijd lid van een bepaalde familie.’

‘Nu moeten de lezers niet denken dat Terug naar huis een somber boek is, want ik schrijf geen romans zonder humor. Het leven is daarvoor te grappig, ha. Denk aan de bijna failliete winkelier Mitchell. Ik zat te denken hoe ik de crisis kon introduceren. Ik laat hem een peperdure Mercedes huren op het vliegveld, die vervolgens het hele boek door niet van de parkeerplaats van de villa afkomt omdat hij geen benzine kan betalen. Met dat grote gebaar ontkent hij zijn eigen ondergang.’

Macht en machteloosheid
‘Ik begin mijn boeken altijd met heel concrete zaken, dus heb ik opgezocht wat een zwembad constructietechnisch eigenlijk is. Hoe je het wendt of keert, hoe luxueus het ook is, het blijft een gat in de grond, gevuld met water. De baarmoeder waarin we allen gedreven hebben, maar ook het gat in de grond waarin we allemaal verdwijnen. Het zwembad is daarmee de metafoor voor deze roman geworden.’

‘Bij elk boek dat ik schrijf, vraag ik me af wie van de personages de macht heeft en wie niet. Joe en Kitty komen uit dezelfde klasse. De moeder van Kitty is een schoonmaakster en de moeder van Joe moest eieren stelen om hem op het Poolse platteland te kunnen voeden. Maar Joe heeft als gevierd dichter een zekere status en Kitty niet. Als je echter diep genoeg graaft en de tijd neemt om situaties van allerlei kanten te bekijken, zie je vaak dat degene die ogenschijnlijk machteloos is, breekbaar is, wel degelijk de power heeft. Het cliché dat iemand die breekbaar is, niets teweeg kan brengen wilde ik ook ondermijnen.’
Delen
Koppelingen
Personen
Boeken
Meer interviews
Interview met Chrétien Breukers Door Guus Bauer (27-11-2019)
Interview met Marijke Schermer Door Guus Bauer (13-11-2019)
Interview met David de Poel over Frans Pointl Door Guus Bauer (01-10-2019)
Interview met Robert Pollack Door Guus Bauer (20-09-2019)
Interview met Max Porter Door Guus Bauer (03-07-2019)