Interview met Elle van Rijn
‘Het moest meer worden dan een spannend politieverhaal’
Door Guus Bauer (4 januari 2012)


Elle van Rijn (1967) is actrice en schreef vier goed ontvangen romans. Onlangs tekende zij het verhaal op van de spraakmakende ontvoering van Toos van der Valk, getiteld Mijn ontvoering.

Waarom wilde mevrouw Van der Valk na dertig jaar haar verhaal doen?
Er is in de loop der tijd al heel veel over de ontvoering geschreven. En omdat ze geen interviews gaf, is er ook danig gespeculeerd. Ze wilde voor eens en altijd haar verhaal kwijt: de waarheid.

Hoe kwam men bij u terecht?
Ik werd ruim een jaar geleden benaderd. Toos had mijn roman Het vergeten gezicht gelezen en was kennelijk onder de indruk van de vertelkracht. Ik werd uitgenodigd voor een gesprek. Het klikte vrijwel direct, misschien omdat ik ook een Brabantse achtergrond heb.

Hoe heeft u het aangepakt?
Vijftien jaar geleden heeft een journaliste een keer een verslag voor haar geschreven, een document waarin Toos feiten heeft vast laten leggen. Dat hebben we als basis gebruikt voor de gesprekken die we hebben gevoerd. Ik heb mevrouw Van der Valk urenlang geïnterviewd. Daarna hebben we gekozen voor een boek in verhalende vorm. Als ik de interviews woord voor woord had uitgewerkt, was het een non-fictieboek geworden. Dan had het aan kracht ingeboet. Het moest natuurlijk meer worden dan een spannend politieverhaal, al laat het zich zo óók lezen.

U heeft met uw romans bewezen dat u kunt schrijven. Was het lastig om ditmaal het verhaal van iemand anders te vertellen?
Je ontkomt als ghostwriter niet aan een zekere mate van inkleuren. Natuurlijk bleef ik ook met veel vragen achter, maar ik heb het idee dat ik Toos zo goed heb leren kennen dat ik ook de vrijheid voelde om haar angst te verwoorden.

En het helpt natuurlijk dat u van huis uit actrice bent?
Het is lastig om over de angsten, de hoop, de vertwijfeling van anderen te schrijven, maar ik kan me goed in ‘een rol’ inleven. Om een idee te krijgen van wat Toos heeft meegemaakt, heb ik een tijdje in een tentje in een kamertje in een klooster doorgebracht. Al komt dat natuurlijk nauwelijks in de buurt van de verschrikking die zij heeft meegemaakt. Ik had dat fysieke wel nodig om die overlevingskracht en de emoties te kunnen beschrijven.

In het boek komt ook het thuisfront aan het woord bij monde van de oudste dochter.
Ik heb veel familieleden geïnterviewd. Dit boek heeft er ook toe bijgedragen dat alle partijen aan de weet zijn gekomen hoe de kwestie daadwerkelijk in elkaar stak. Toos was niet op de hoogte van wat er zich allemaal heeft afgespeeld in thuisbasis Nuland en heel veel familieleden waren niet bekend met de details van het gedwongen verblijf van Toos in de flat in Brussel. Het zijn natuurlijk ook hardwerkende mensen die het liefst weer aan de slag gingen om het drama te vergeten.

Gerrit van der Valk, de nestor van de familie, komt nauwelijks aan het woord.
Omdat hij overleden is ver voordat ik met het boek begon, heb ik hem niet kunnen spreken. Ik vond het moeilijk om voor hem een stem te vinden. De dialogen waren sowieso ongelofelijk lastig om te schrijven. Niemand herinnert zich dertig jaar later nog wat er precies gezegd is, dus moet ik mensen woorden in de mond leggen, daar ontkom je niet aan. Daarbij is er nog steeds angst en ligt de kwestie nog altijd gevoelig.
Delen
Koppelingen
Personen
Boeken
Meer interviews
Interview met Elvis Peeters Door Guus Bauer (06-05-2019)
Interview met Renée Knight Door Guus Bauer (23-04-2019)
Interview met Sander Kollaard Door Guus Bauer (06-04-2019)
Interview met Kristine Bilkau Door Guus Bauer (22-03-2019)