Interview met Geir Gulliksen
"De liefde blijft moeilijk te definiëren. Daarom schrijven we romans en verhalen en worden er steeds maar weer songs over gemaakt."
Door Guus Bauer (3 oktober 2018)
De Noorse schrijver Geir Gulliksen (1963) is niet helemaal onbekend in Nederland. In 2007 werd een van zijn vele kinderboeken vertaald. Hanu Hanu is eerder een werk dat juist ook geschikt is voor volwassen lezers. De Toneelacademie Maastricht speelde in 2015 in Nederland en Vlaanderen het stuk Een lichaam naar een tekst van Gulliksen. Vele Nederlandse lezers hebben indirect wel kennis genomen van werk waarin hij zijdelings de hand had. Sinds jaar en dag is hij de redacteur van succesauteur Karl Ove Knausgård.

Gulliksen publiceerde in de laatste tien jaar drie romans over liefde, seksualiteit en gender. Het verhaal van een huwelijk uit 2015 is de eerste van dit trio dat in het Nederlands vertaald is. Hoofdpersoon Jon doet verslag van de teloorgang van zijn huwelijk, probeert althans de beweegredenen van zijn vrouw te doorgronden, analyseert daardoor uiteindelijk, zonder dat hij het echt in de gaten heeft, eerder zijn eigen sturende rol. Twintig jaar hadden ze een voorbeeldig huwelijk. De grote liefde van het leven. En toch is daar de klad in gekomen. Jon probeert de situatie vanuit haar perspectief te bekijken, speculeert er op los. Maar het is allemaal tevergeefs. En dat maakt deze roman zo sterk, zo intens menselijk.

De vorm is allesbepalend, zeker in deze roman. Hoe kwam u ertoe om een personage vanuit het perspectief van een ander personage een mogelijke gang van zaken te laten vertellen?
Gulliksen: ‘Ergens begrijp ik wel dat de marketingafdeling van de uitgeverij de connectie legt met het sterk gedetailleerde werk van Karl Ove Knausgård. Het verhaal van een huwelijk heeft iets voyeuristisch, de lezer wordt in de loop van de roman als vanzelf in de rol van een indringer geduwd. In feite gold dat ook voor mij toen ik de roman aan het schrijven was. Het is de vorm die mij geleidelijk is “opgedrongen”. Het was interessant om tegelijkertijd in de eerste persoon enkelvoud en in de derde persoon te schrijven. De man die het verhaal vertelt is niet het belangrijkste personage. Dat is duidelijk de vrouw die hij vanuit verschillende invalshoeken probeert te begrijpen. Na een tijdje begon ik mij behoorlijk ongemakkelijk te voelen met het feit dat ik aan het schrijven was over een man die het intieme verhaal vertelt van het liefdesleven van een vrouw. Ik denk dat wanneer je fictie schrijft het een goede zaak is dat je je niet op je gemak voelt, dat je buiten de box denkt. Het komt de productiviteit ten goede. Zo werkt het in ieder geval bij mij. Niet dat het allemaal zonder slag of stoot geschiedde. Ik schreef maanden in de veronderstelling dat ik bezig was met een verhaal over een man die heel graag “goed wilde doen”, die volwassen reageerde op een crisissituatie, die begripvol wilde zijn. Het duurde bijna een half jaar voordat ik zelf langzaam door begon te krijgen dat deze zogenaamde empathische benadering van de man tegelijkertijd een wanhopige poging was om controle te krijgen over zijn huwelijk, zijn seksleven en zelfs over de verbeelding van zijn vrouw, over háár seksleven. Eerder een egoïstische benadering. Ik voelde me door mijzelf in de maling genomen, maar ook gestimuleerd door mijn steeds maar groeiende onbehagen. Dat was een sterke stimulans om nog verder te onderzoeken, om steeds maar weer andere mogelijke verklaringen uit te diepen. Om te proberen tot je eigen kern door te dringen ook.’

De zoektocht van Jon komt juist door het vergeefse karakter heel menselijk over.
‘Het is fijn om te horen dat Het verhaal van een huwelijk als menselijk wordt ervaren. In elk geval, ha, dus vooralsnog door één lezer. Je kunt als schrijver nauwelijks meer wensen dan dat je werk als dusdanig wordt opgevat. Natuurlijk wil je “slim” overkomen, maar dan op een manier die zo ver als mogelijk voorbijgaat aan de slimmigheid. De kennis van de schrijver mag niet door de tekst heen piepen. Nooit en te nimmer mag het een schrijftrucje worden. Je wilt uiteindelijk toch iets maken dat oprecht is, dat waarachtig overkomt. Waarbij ik nadrukkelijk wil aangeven dat ik dat niet in de (auto)biografische zin bedoel. Het moet vanuit menselijk zicht waar zijn, herkenbaar. Als vanzelf krijgt het dan een universeel karakter. Dat is de kracht van de literatuur. De moeilijkste opgave voor de schrijver ook.’

Het wordt door Het verhaal van een huwelijk maar weer eens pijnlijk duidelijk hoe slecht we ook onszelf kennen.
‘Ik wilde met deze roman onderzoeken wat er na de liefde komt, na een breuk, na alles wat we over relaties te berde brengen. We kennen onszelf niet echt, weten niet hoe we op een bepaalde situatie zullen reageren. En een partner kennen we in feite al helemaal niet, maar een van de regels van huwelijken, van partnerschappen is dat we doen álsof we elkaar heel goed kennen. Een stilzwijgende overeenstemming. “We kennen elkaar door en door.” Maar op het moment dat een van de twee personen vertrekt, is er vooral onbegrip, wordt er vooral uitgeroepen: “Ik begrijp je niet”. Een van de belangrijkste ideeën achter Het verhaal van een huwelijk is dat ik juist vanuit dat nulpunt wilde vertrekken. Een man die uiteindelijk door heeft dat hij zijn ex-vrouw eigenlijk nooit heeft begrepen. En die er tijdens zijn tocht pijnlijk genoeg ook achter komt dat hij zichzelf eigenlijk nauwelijks kent. Deze roman is het onderzoek naar het daadwerkelijk de moeite nemen om de beweegredenen van een ander te proberen te doorgronden. Een empathische queeste, hoe vergeefs een dergelijke zoektocht in de basis ook is. Wat blijft een mens? Uitsluitend aannames, mogelijke redenen.’

Jon was aanvankelijk in de relatie nogal zeker van zichzelf.
‘De mens die denkt dat hij alles onder controle heeft, überhaupt denkt dat het lot te beïnvloeden is. Dat heeft iets arrogants. Jon denkt dat zijn relatie zo sterk is dat deze een affaire gemakkelijk overleeft. Hij stuurt er zelfs uit nieuwsgierigheid op aan. Maar wanneer het dan daadwerkelijk dreigt wordt hij toch jaloers, steeds dramatischer. Door elke keer weer zijn angsten ten opzichte van zijn vrouw te benoemen, maakt hij ze uiteindelijk waar. Hij noemt dat bitter-ironisch een voordeel. Zelfbedrog, een overlevingsmechanisme. Alles wat gebeurt, heeft zich in zijn hoofd al duizenden keren afgespeeld. Niets menselijks is hem uiteindelijk vreemd. Hoe modern, hoe geciviliseerd zijn opvattingen ook zijn. Hij ondergaat hoe dan ook het scala van emoties. Jaloezie, boosheid, teleurstelling, onbegrip, verlatenheid, en uiteindelijk een zekere acceptatie.’

De beschrijvingen van de liefdesdaad zijn meestal onverteerbaar, maar hier heel natuurlijk, sensueel.
‘De roman is heel lichamelijk geworden omdat het naar mijn mening heel belangrijk is om over seksualiteit te schrijven. De meeste mensen doen tegenwoordig niet meer al te veel. Ze zitten voornamelijk naar hun computerschermen te turen. En schrijven is toch het vastleggen van intermenselijke actie. In de zone van de seksualiteit wordt de liefde, de verwachtingen met betrekking tot de liefde ineens heel zichtbaar, daarin worden ze uitgevoerd. Daarom heb ik al meerdere romans over seksualiteit, over de fysieke liefde geschreven. Niet zoals in pornografie, niet vanwege de opwinding, maar vanwege de ongekende complexiteit. De liefde blijft moeilijk te definiëren. Daarom schrijven we romans en verhalen en worden er steeds maar weer songs over gemaakt.’

Delen
Koppelingen
Meer interviews
De taal voor het publieke gerecht Door Guus Bauer (11-12-2018)
Interview met Michel Laub Door Guus Bauer (02-11-2018)
Interview met Deborah Feldman Door Guus Bauer (11-09-2018)
Interview met Peter Abelsen Door Guus Bauer (28-08-2018)