Gouden Uil Literatuurprijs 2009

Ga direct naar

Details:

Aantal inzendingen: 325 titels
Prijzengeld: 31.000 euro
Winnaar: 25.000 euro
Andere genomineerden: ieder 1.500 euro
Plaats en datum uitreiking: Antwerpen, Stadhuis, 4 mei 2009

Rapport:

Eerst en vooral : de jury heeft genoten. Hard gewerkt, natuurlijk, maar de bovenmenselijke taak die de verwerking van 350 boeken toch is, werd aanzienlijk verlicht door de kwaliteit van de ingezonden boeken. De keuze was bijwijlen hartverscheurend, de discussies gingen diep, en gaandeweg ontwaarde de jury enkele tendensen die haar bijzonder verheugden.

Naast uitstekende klassieke romans en journalistieke werken verschenen er veel boeiende hybride vormen. Boeken die beeld en taal mengen, of waargebeurde geschiedenissen en vruchten van de verbeelding. Sommige schrijvers zetten in non-fictie een heel arsenaal aan literaire middelen in; sommige boeken gaan zo ver dat ze zich aan elk etiket onttrekken. Zo’n volstrekt ander boek, dat door stijl, redeneertrant, thematiek en visie op de wereld toch samengehouden wordt, is Nergensman van P.F. Thomése.

Verheugend is ook dat heel wat schrijvers, in welke zuivere of gemengde vorm ook, zeer rake dingen vertellen over de wereld van nu, en hoe mensen zich daarin staande houden. Opvallend ook hoe sterk de jongste generatie literatoren uit de hoek komt. Nog redelijk nieuwe talenten als Jan Van Loy en Christiaan Weijts bevestigen dat hun glorieuze entree in de letteren geen gelukstreffer was; daarnaast was de jury bijzonder verrast door de hoge kwaliteit van een aantal debutanten. Pia de Jong bijvoorbeeld durft zich te meten met grote voorgangers als W.F. Hermans en Paul Theroux en blijft overeind; Robert Vuijsje combineert maatschappelijke analyse met jongensachtige branie en humor.

Kortom: de toekomst van de Nederlandstalige literatuur lijkt alvast voor minstens een paar decennia verzekerd.

De jury
Guy Mortier (voorzitter)
Eva Berghmans
Sam De Graeve
Jeroen Maris
Jeroen Vullings


Winnaar

  • Robert Vuijsje - Alleen maar nette mensen

    Dames en heren, de jury van de Gouden Uil glundert .
    Het staat haar niet, maar zij blinkt.
    Het gaat niet goed met de wereld, maar, hebben wij mogen constateren, daar wordt in de literatuur van De Lage Landen wel voortreffelijk over bericht.
    Zoals het goede literatuur betaamt, is het winnende werk van alle tijden en van alle mensen, maar bovenal brandend actueel.

    De Gouden Uil 2009 gaat naar een (zodra u het herkent drukt u maar af) boek dat belangrijke maatschappelijke thema's aansnijdt , op een manier die: verfrissend en nieuw is, confronterend en hartverwarmend, sensueel en tegelijkertijd een klap in je gezicht. Een boek dat je dooreenschudt.

    Geen taboe wordt ontzien, geen enkele illusie blijft overeind in dit vlammende fresco over het precaire work in progress dat samenleving heet, en over de manier waarop de daarin 'samen' levenden over elkaar denken en met elkaar omgaan.

    Dat alles overtuigend gestalte gegeven in de onmogelijke zoektocht van een witte 'liegman' naar de 'intellectuele negerin' als allerhoogste ideaal, in Nederlands dat swingt als een Afrikaanse tiet , een ritme dat strakker zit dan een zwarte bil in een te kleine luipaardlegging, en dialogen die knetteren als de op hol geslagen bedrading in verhitte hoofden.

    Ontluisterend en genadeloos, en tegelijk zeer geestig : de Gouden Uil 2009 gaat , onder klaroengeschal, naar het boek van de Marokkaans uitziende joodse Nederlander Robert Vuijsje, naar Alleen maar nette mensen.

    Nominatierapport
    Alleen maar nette mensen is een gedurfd debuut. Omdat het een humoristisch boek is en het terrein van de humor er een is dat velen bezoeken, maar waar er nog meer in verdwalen. Niet zo Vuijsje, die zeer helder, stijlvast en met gevoel voor rake dialogen een portret schetst van twee werelden, van de hogere en de lagere klasse, van het wat saaie en burgerlijke Amsterdam Oud-Zuid en het veel opwindender Amsterdam Zuidoost. Het verhaal van David Samuels, een jongeman van joodse origine die vaak abusievelijk als Marokkaan gepercipieerd wordt, is niet alleen humoristisch, maar ook ontluisterend, genadeloos en tragisch. Zijn zoektocht naar liefde, seks en intellectuele negerinnen doet ijzingwekkend authentiek aan en veroorzaakt getob over de mate waarin binnen de multiculturele samenleving mensen samen dan wel naast elkaar leven.

Genomineerd

  • Pia de Jong - Lange dagen

    Rapport Pia de Jong:
    In het coming-of-age-drama Lange dagen, vermoedelijk gesitueerd in de jaren zeventig of vroege jaren tachtig, is ‘Lapland’ , waar de adolescente vertelster Eva en haar gezinsleden wanhopig ronddolen, een katalysator die de menselijke aard in al zijn facetten toont. Zo wordt ieder detail veelbetekenend – door de permanente dreiging en de nabijheid van de dood. Het sinistere van Lange dagen is dat de ontberingen, hoe onaangenaam ook, als ogenschijnlijk normaal gepresenteerd worden. De gekste dingen kunnen nu eenmaal met je gebeuren als je nog onder ouderlijk gezag staat. De Jong creëert niet alleen ondraaglijke spanning, maar biedt ook een wereld die ijzingwekkend authentiek aandoet, vol personages van vlees en bloed. Ze toont subtiel hoe het toch mis kan gaan in een gezin waar het niet aan liefde ontbreekt. Haar parabel maakt korte metten met ons moderne mensbeeld, waarin we allen assertieve, eigenzinnige individuen zijn, die zich niet laten ringeloren.

  • P.F. Thomése - Nergensman

    Rapport P.F. Thomése:
    Nergensman is zo'n ‘zee-om-uit-te-drinken’ als eertijds Voer voor psychologen, zo’n boek dat een schrijver een leven lang zal vergezellen en zijn huidig en toekomstig schrijverschap duidt. Zelfreflexief en compromisloos: P.F. Thomése schrijft tenslotte naar eigen zeggen niet voor iedereen, maar voor niemand - of misschien toch voor dat ene, uitverkoren, smartelijk op zijn woorden wachtende, schuchtere meisje, dat hij al dan niet verzint. Thomése wil zich slechts laten kennen uit wat hij schrijft. Hij ontkent dat hij een man uit één stuk is, en Nergensman fragmenteert zijn ik in talloze grillige, wervelende ikken. ‘Jezelf’ herschrijven, want jezelf doet er niet toe. Slechts de vorm waarin je je giet - een mal per personage, per boek - telt, en vooral de taal, bevochten op de wereld van alledag. Het ambitieuze doel: geladen, vitale, oorspronkelijke taal en zuivere literatuur die geen enkele ideologische verdenking op zich neemt. Zo neemt hij de literatuur en zichzelf nietsontziend de maat.

  • Jan Van Loy - De heining

    Rapport Jan Van Loy:
    In zijn derde boek, De heining , schrijft de uit Vlaanderen afkomstige Jan Van Loy over de Houellebecquiaanse wereld waarin we nu leven. Zijn keuze voor zo'n schrikbarend moderne, bijna visionaire setting, die we daarom geruststellend 'futuristisch' noemen, is bepaald on-Nederlands, en al evenzeer on-Vlaams. De heining speelt zich af in Vlaanderen, maar dan wel een Vlaanderen waar men leeft zoals in de Verenigde Staten gebruikelijker is, in compounds met ommuurde woonwijken. Van Loy toont dat nergens veiligheid bestaat, niet binnen de hekken, niet binnen een amoureuze relatie. Maar ook kun je bij Van Loy in deze schelmenroman annex eigentijdse fabel zeer goed aankloppen voor een indringend psychologisch portret van een uniek individu, geteisterd als die is door de rol die hij geacht wordt te spelen in de samnleving. Zo is Van Loys ik-persoon niet bepaald gemaakt van mensenmateriaal waarmee de volmaakte samenleving gebouwd kan worden - ook die is een illusie, in Van Loys rebels inktzwarte universum.

  • Christiaan Weijts - Via Cappello 23

    Rapport Christiaan Weijts:
    Hield hij met zijn debuut Art. 285b. al een aansteker onder de kont van de Nederlandstalige literatuur, dan levert Christiaan Weijts met Via Cappello 23, zijn tweede, de proeve van een schrijverschap dat alleen maar rijper en relevanter geworden is. Via Cappello 23, het verhaal van Daniël Schaaf - een journalist - en Arthur Citroen - een kunsthistoricus - is een boek van ambitie: Weijts ontrafelt zonder genade het tijdvak waarin hij leeft. Hij schrijft over privacy, en hoe dat een zeldzaam goed geworden is; schetst een onsmakelijk beeld van het functioneren van moderne media; licht terloops de academische wereld een pootje; linkt internetporno aan Venussen en Maria Magdalena's; en ontmaskert lust als de veelkoppige, alles infiltrerende aanjager van menselijk onheil. Weijts speelt met stijl: zijn taal is nu eens rauw en onbezonnen, dan weer erudiet en gracieus - en nog het meest van al een combinatie van die twee. Doorleefd, opwindend, en akelig eigentijds: Via Cappello 23 is een noodzakelijk boek.

Longlist

Naar de overzichtspagina

Delen