Griffels 2006

Ga direct naar

Details:

De Griffeljury 2006 bestond uit:
Aad Nuis (voorzitter)
Maartje Beukers
Bas Maliepaard
Birgitte Plasmans
Marjoleine Wolf



Rapport:

De Griffeljury heeft de volgende boeken voorgedragen ter bekroning met een Gouden of Zilveren Griffel. De Stichting Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek heeft deze voordracht overgenomen. [De juryrapporten voor de Gouden Griffel en de Zilveren Griffels zijn opgenomen onder de 'Algemene inleiding' van de jury.]

GOUDEN GRIFFEL
Categorie vanaf 9 jaar
BigMireille Geus
Uitgeverij Lemniscaat

ZILVEREN GRIFFELS
Categorie tot 6 jaar
Mama, jij bent de liefsteKomako Sakai
Uitgeverij De Eenhoorn

- Bijna jarigImme Dros
Em. Querido’s Uitgeverij

Categorie vanaf 6 jaar
- Vos en Haas en de dief van IekSylvia Vanden Heede
Uitgeverij Lannoo

- Grimm – in een vertaling van Ria van Hengel
Uitgeverij Lemniscaat

Categorie vanaf 9 jaar
- Hart van InktCornelia Funke
Em. Querido’s Uitgeverij

Buiten categorie
Mama! Waar heb jij het geluk gelaten?Ted van Lieshout
Uitgeverij Leopold

VLAG & WIMPELS
Categorie vanaf 6 jaar
Oma’s rommelkamerBette Westera
Uitgeverij Hillen

- Dertig dagen LauraSaskia van der Wiel
Uitgeverij Lannoo

Categorie vanaf 9 jaar
Het kistje van CleoHilde Vandermeeren
Uitgeverij Davidsfonds/Infodok

- Kies mij!Dirk Weber
Em. Querido’s Uitgeverij

- Midden in de winternachtAndreas Steinhöfel
Uitgeverij Lemniscaat

Categorie informatief
- Menseneters – Jet Bakels & Anne-Marie Boer
Uitgeverij Leopold

ALGEMENE INLEIDING

Alle kinderen kunnen toveren, want zij hebben fantasie. Dat kun je niet van alle volwassenen zeggen. Blijkbaar is het een gave die je kwijt kunt raken – tenzij je haar aanmoedigt en oefent, zodat ze uitgroeit tot echte verbeeldingskracht. Dat is de door werkelijkheidszin geleide fantasie, die ook volwassenen vleugels geeft en behoedt voor een misschien nuchter en realistisch, maar ook armzalig bestaan.
Verbeeldingskracht trainen kan op allerlei manieren, oude en nieuwe, maar nog steeds is er geen betere manier ontdekt dan het lezen van boeken. Een boek, hoe fantastisch ook, kan het namelijk niet alleen af: de fantasie van de lezer moet minstens het halve werk doen. Die moet de zwarte letters van het papier veranderen in de levende, kleurrijke wereld van het verhaal. Je kunt daar het beste vroeg mee beginnen, als het nog bijna vanzelf gaat.
Nu doet zich daarbij een probleem voor, al is het op het eerste gezicht een luxeprobleem. Er zijn veel meer boeken dan je ooit kunt lezen. Die boeken zijn lang niet allemaal even schitterend en prikkelend voor de verbeelding, maar dat weet je pas als je een boek uit hebt. Hoe vind je die ene schitterende speld in de hooiberg? Je kunt je natuurlijk beperken tot de populairste boeken van het moment; daar zit heel wat moois en spannends en grappigs en griezeligs tussen, maar je draait dan wel vaak in een erg klein kringetje rond. Wie verder wil lezen dan zijn neus lang is, kan wel wat hulp gebruiken.
Je kunt je licht opsteken bij andere lezers die je kent, en ook bij mensen die van het lezen en keuren van boeken voor kinderen zo ongeveer hun beroep hebben gemaakt. Die zijn te vinden op school, in de bibliotheek of de boekwinkel, ze schrijven erover in de krant, en soms komen er een stuk of wat bij elkaar om de hele hooiberg aan boeken die in een bepaald jaar verschenen zijn door te vlooien. Ze zoeken de spelden eruit waarvan zij vermoeden dat ze het meest geschikt zijn om de verbeelding van jonge lezers te prikkelen en aan te scherpen. Ze maken er vlaggen en wimpels van, en zilveren griffels, en één griffel van goud.

De Griffeljury dus, die ook dit jaar weer met veel plezier haar werk heeft gedaan en daarvan hier met voldoening verslag uitbrengt. Zeven boeken werden bekroond met een Griffel. Bovendien werden uit de honderden boeken ook zes titels onderscheiden met de eervolle vermelding Vlag en Wimpel.

VLAG & WIMPELS

In de categorie informatieve boeken kwam de jury een nieuwe trend op het spoor: infotainment. Boeken die een brug vormen tussen strikt informatiegerichte non-fictie en entertainment. Het Kinderboekenweekgeschenk van dit jaar, Laika tussen de sterren van Bibi Dumon Tak, is daar een goed voorbeeld van. Maar ook Menseneters van Jet Bakels en Anne-Marie Boer. Uit dit boek leert de lezer niet wat de gemiddelde draagtijd van de luipaard is of hoe oud een tijger precies kan worden. De auteur concentreert zich op de spannende vraag: lusten dieren, waarvan wordt beweerd dat ze mensen eten, ook daadwérkelijk een sappig hapje mensenvlees? In de woorden van Jet Bakels en Anne-Marie Boer: Lust een wolf eigenlijk wel Roodkapjes? Menseneters is door de tijdschriftachtige opzet, met veel foto’s en korte, frisse teksten, een boek dat kinderen uitnodigt het onder hun hoofdkussen te leggen en er wekenlang in te grasduinen. Deze enthousiasmerende vorm van infotainment verdient een Vlag & Wimpel.

Een verbindend element in vier andere boeken die een Vlag & Wimpel krijgen, is de eerlijke en fijngevoelige manier waarop moeilijke onderwerpen zijn beschreven. Daarbij valt vooral op dat geen van de boeken overdreven luchtig óf juist erg zwaar van toon is.

Bette Westera krijgt een Vlag & Wimpel voor Oma’s rommelkamer. Het is een warm portret van de bijna jaloersmakend hechte vriendschap tussen Sofia en haar oma Zwaantje, die steeds meer last krijgt van vergeetachtigheid. Het is ontroerend om te lezen hoe zowel Sofia als oma Zwaantje uit liefde voor elkaar de naderende dementie van oma ontkennen. De jury vindt het knap dat Westera het droevige thema toch vol humor heeft opgeschreven.

Hoewel Boris uit Dertig dagen Laura van Saskia van der Wiel een introverte jongen is, raakt hij toch bevriend met de brutale en luidruchtige Laura. Af en toe schemert het droevige geheim door dat de twee kinderen met elkaar verbindt. Dertig dagen Laura is een poëtisch en krachtig verhaal over het gevecht dat vriendschap ook kan zijn.

Hilde Vandermeeren neemt haar lezers in Het kistje van Cleo mee naar een troosteloze achterbuurt. Cleo bewaart haar toekomstdromen en de belofte aan haar overleden vader in een geheim kistje onder haar bed. De lezer blijft lang in het ongewisse hoe het met Cleo zal aflopen in de keiharde wereld die haar omringt. Het kan óndanks alles goed komen, maar voor hetzelfde geld dankzíj alles fout gaan. Uiteindelijk toont Het kistje van Cleo dat je zelfs in uitzichtloze situaties je dromen niet hoeft op te geven. En in de woorden van Hilde Vandermeeren is dat geen clichématige moraal.

Dirk Weber vertelt in zijn debuut Kies mij! over de wees Fien die in een kindertehuis dag in dag uit hoopt dat een lieve, nieuwe moeder haar komt halen. Als ze bij het pleinhek de chaotische Wuf leert kennen, lijkt het alsof ze die moeder heeft gevonden. Weber heeft het drama van de uitzichtloze eenzaamheid kundig verpakt in een grappig, levendig verhaal met absurde elementen en een wensvervullend ‘happy end’. Een debuut dat naar meer smaakt.

De laatste Vlag & Wimpel gaat naar een boek van totaal andere orde, maar het is daarom niet minder geslaagd. Midden in de winternacht gaat de hemel open en valt meneer Eland dwars door het dak van de familie Wagner en verbrijzelt salontafel Søren van Ikea. Bertil geloofde niet in de kerstman, maar móet nu wel, omdat blijkt dat meneer Eland kan praten! Wat heeft Andreas Steinhöfel met Midden in de winternacht een ongelofelijk origineel en hilarisch kerstboek geschreven. Geen zoetsappige vertelling, maar een pittig verhaal met (kerst)ballen, waar alle kinderen om zullen schaterlachen.


Gouden Griffel

  • Mireille Geus - Big

    Categorie vanaf 9 jaar

    Twee jaar geleden werd Virenzo en ik, het debuut van Mireille Geus, bekroond met een Vlag & Wimpel van de Griffeljury. Een aanmoediging die Geus niet naast zich neer heeft gelegd. Met haar tweede boek Big, dat de jury dit jaar mocht beoordelen, heeft ze de hooggespannen verwachtingen meer dan waargemaakt.

    Big gaat over gevoelens waar veel zeer serieuze romans voor volwassenen over gaan. De auteur gebruikt zowel literair als psychologisch volwassen middelen, en toch is het wel degelijk een boek voor kinderen. Big is een ingenieuze psychologische thriller en tegelijkertijd een helder verhaal over kwetsbaarheid, moed en de duistere kant van vriendschap.

    Wat de jury bijzonder trof in Big was de respectvolle manier waarop Mireille Geus haar hoofdpersoon neerzet. Er is wat aan de hand met Lizzy, maar wát precies staat nergens. Ze kiest in de supermarkt de langste rij, omdat ze het prettig vindt te wachten. Als haar iets te snel gaat, doet ze haar ogen dicht, anders wordt ze duizelig. Ook zit ze op een speciale school.

    ‘Een debiel’, kreunt Abigail, die zichzelf Big noemt, als ze Lizzy voor het eerst ontmoet. Maar zo komt Lizzy op de lezer nu juist níet over. Hoewel haar handicap (hooggevoeligheid?) overal doorschemert, wordt zij nergens een zwakkeling met wie de lezer zich niet wil en kan identificeren. Dat komt doordat Mireille Geus de interpretatie van Lizzy’s vreemde gedrag aan de lezer overlaat, die daarmee de kans krijgt zich met haar te vereenzelvigen.

    Lizzy heeft geen vrienden, tot Big plotseling op het speelpleintje in de buurt verschijnt. Het is een dominant meisje met harde woorden, dat zich opdringt aan Lizzy en al snel de controle over diens leven steeds meer overneemt. Er ontstaat een huiveringwekkende machtstrijd die Big aanvankelijk lijkt te winnen. Ze zet Lizzy op tegen kinderen uit de buurt en zuigt haar mee in een krankzinnig plan om ze te grazen te nemen. Het lukt de kwetsbare Lizzy niet zich te verzetten, maar desondanks groeit ze voor de lezer uit tot een heldin in haar pogingen daartoe. Juist omdat ze moet roeien met te korte riemen, zie je hoe sterk die uiteindelijk zijn.

    Door de knappe compositie van het verhaal en de krachtige, afgeroomde schrijfstijl van Mireille Geus, hangt er van begin tot eind een beklemmende sfeer in het boek. De griezelige vriendschap tussen Big en Lizzy wordt in uitgebreide flashbacks met grote precisie beschreven, afgewisseld met fragmenten uit het politieverhoor van Lizzy, dat in het heden plaatsvindt. De lezer wil niets liever dan er zo snel mogelijk achter komen wát er gebeurd is. Enkele juryleden hadden ook een nauwelijks te onderdrukken neiging in te grijpen in het verhaal. Ze wilden Lizzy bij de lurven grijpen en haar van die akelige Big weghouden.

    Big is een boek dat zich in je vastbijt en je niet meer loslaat. Misschien wel omdat het appelleert aan een gevoel dat we allemaal kennen: de angst om jezelf kwijt te raken, om onder invloed van anderen dingen te doen, die je eigenlijk niet wilt.

    Als je het zo bekijkt, is Big een heftig verhaal, waarvan sommige mensen zich zullen afvragen of kinderen het wel kunnen waarderen. De jury denkt van wel, omdat het boek aan de basis gaat over iets waar alle kinderen in onze maatschappij mee te maken krijgen: jezelf staande houden in een wereld die op alle mogelijke manieren druk op je uitoefent.

    Maar dat belangrijke verhaal is tegelijkertijd zo subtiel verpakt, dat Big voor de meeste kinderen vooral een bijzonder spannend boek zal zijn. De jury onderscheidt Mireille Geus voor haar tweede boek met een gouden Griffel.



Zilveren Griffel

  • Imme Dros - Bijna jarig

    Rapport Imme Dros:
    Categorie tot 6 jaar

    Er zijn maar weinig schrijvers die gedurende hun hele loopbaan een constante kwaliteit weten vast te houden en met hun boeken zowel bij literaire jury’s als bij het publiek hoge ogen gooien. Imme Dros is zo iemand. Zij heeft naast tal van andere onderscheidingen het bijzondere record van twaalf Zilveren Griffels op haar naam staan. De laatste kreeg zij twee jaar geleden voor Het mooiste boek van de wereld, het tweede prentenboek over de kleuter Ella.

    Ook dit jaar kon de jury niet om het verbluffende werk van Dros heen. Ze leverde met een derde boek over Ella, Bijna jarig, opnieuw een juweeltje af. Alles klopt in dit prentenboek: de tekst is puntgaaf, het verhaal overtuigt op alle fronten en de illustraties van Harrie Geelen zijn schilderijen die je zo aan de muur zou willen hangen.

    Ella is bijna jarig en weet wat ze gaat eten en wie er op visite komt, maar nog níet wat ze cadeau krijgt. Het staat op zolder, hebben haar ouders gezegd, en daar mag ze tot haar verjaardag dus niet komen. Ella houdt zich er voorbeeldig aan. Maar als de timmerman zijn ladder tegen het huis laat staan, gaat het mis.

    Ella wil wel eens weten hoe ver je kunt kijken vanaf de ladder en klimt erop. Maar haar vriendinnetje Lucy wil er ook bij en dus moet Ella een treetje hoger. Voor ze het weten staan de meisjes op het dak. “O, wat gek is dat, zo zie je de zolder./ Door het raam ziet die er raar uit./ Maar daar is de kast en daar is de verkleedkist./ En daar is de deur en daar is een poppenhuis./ Er staat een poppenhuis bij de deur./ Bij de deur die dicht moet blijven./ Ella wordt koud en het is niet eens koud./ Het is warm, de zon schijnt./ Ze heeft het geheim gezien!”

    Op volwassenen komt dit wellicht over als een onbenullig ongelukje, maar voor een kleuter is er niets erger. Wie zich dat niet kan voorstellen, moet Bijna jarig maar lezen. Imme Dros brengt het schuldgevoel van Ella zó goed over dat je er pijn in je buik van krijgt. De lezer ervaart hoe Ella klem zit en niets kan opbiechten: de ontdekking van het cadeau mag dan een ongeluk zijn, op het dak klimmen niet!

    Dros schrijft haar verhaal op in een soort vierregelige strofen, waardoor Bijna jarig leest als een lang, ritmisch gedicht. De cadans van de korte zinnen doen de spanning hoog oplopen. Charmant zijn de licht oubollige woorden, zoals ‘autobus’ en ‘zweefmolen’, die de tekst een gemoedelijke sfeer geven.

    In Bijna jarig is geen spoortje van de volwassen schrijfster te ontdekken. Imme Dros is in staat de wereld van een kleuter te beschrijven, zonder enige vorm van betutteling. Dat is een grote kracht en maakt van Bijna jarig een zeldzaam oprecht en ontroerend boek. De jury is vereerd aan Imme Dros voor de dertiende keer een Zilveren Griffel uit te reiken.



  • Cornelia Funke - Hart van inkt

    Rapport Cornelia Funke:
    Categorie vanaf 9 jaar

    In de algemene inleiding bij deze rapporten schreef de jury dat kinderen kunnen toveren. Met hun verbeeldingskracht veranderen zij de letters van het papier in de levende, kleurrijke wereld van het verhaal. Over die wonderlijke kracht, schreef Cornelia Funke de magistrale én magische roman Hart van inkt.

    Meggie is een hartstochtelijke lezer, een meisje dat middenin de nacht met prikkende slaapogen doorleest om te ontdekken hoe een verhaal afloopt. Haar vader Mo is boekbinder en heeft een bijzondere gave: hij kan met zijn tovertong personages úít het boek tevoorschijn lezen. Toen Meggie nog een baby was las hij per ongeluk de gewetenloze schurk Capricorno en zijn mannen uit het boek Hart van inkt. Capricorno wil nu, jaren later, de rest van zijn vrienden die nog ín het boek zitten ook naar de echte wereld halen. De enige die dat voor hem kan doen is Mo. Meggie en hij moeten hun huis ontvluchten om uit handen van Capricorno te blijven. Er volgt een angstaanjagend kat en muisspel.

    Funke doet iets eigenaardigs, maar het werkt: ze creëert een verhaalwerkelijkheid waarin boeken tot de fantasiewereld behoren. Hoofdpersoon Meggie leeft net als wij in een gewone, realistische wereld en komt in aanraking met de magische wereld van het boek Hart van inkt. Funke schakelt onze werkelijkheid daarmee gelijk aan de verhaalwerkelijkheid. Dat leidt ertoe dat de gewone lezer het gevoel krijgt met Meggie te versmelten en niet sámen met haar, maar áls Meggie het avontuur te beleven.
    Funke is een meesterverteller én een begenadigd stilist. Ze schrijft vaak in een weldadig barokke stijl, die een warme, sprookjesachtige sfeer oproept. Maar op de juiste momenten, als het verhaal ijzingwekkende wendingen neemt, kiest ze voor scherpe, niet mis te verstane taal.
    Hart van inkt is niet alleen een heerlijke pageturner, maar ook een liefdesverklaring aan de literatuur. Het hele verhaal is doordrongen van een diepe, aanstekelijke liefde voor boeken. Funke maakt van Hart van inkt zelfs een belangrijke literaire gids door elk hoofdstuk te openen met een passend citaat uit de wereldliteratuur. J.R.R. Tolkien komt voorbij, Kenneth Grahame, C.S. Lewis, T.H. White en Michael Ende. Maar Funke geeft ook blijk van actuele literatuurkennis met verwijzingen naar Maurice Sendak en Eva Ibbotson.

    Hart van inkt is een genot voor boekenliefhebbers, maar zal minder bibliofiele lezers zeker ook bekoren. De jury bekroont Hart van inkt daarom met een Zilveren Griffel.



  • Ria van Hengel - Grimm

    Rapport Ria van Hengel:
    Categorie vanaf 6 jaar

    De Griffeljury houdt zich normaal gesproken alleen bezig met het lezen, herlezen, bediscussiëren en bekronen van moderne jeugdliteratuur. Oudere boeken zijn voor de jury alleen interessant als ze helemaal opnieuw vanuit de brontekst vertaald zijn en dus voorheen nooit in die vorm verkrijgbaar waren. Bovendien moet de titel in nieuwe vertaling wel van behoorlijke betekenis zijn voor de jeugdliteratuur, wil die in aanmerking komen voor een bekroning. U begrijpt, dit komt zelden voor. Maar dit jaar kreeg de jury zo’n zeldzame, opgepoetste parel onder ogen.

    De nieuwe uitgave van het vuistdikke sprookjesboek Grimm, in vertaling van Ria van Hengel, is een indrukwekkende uitgeefprestatie. De jury wil daarom haar nadrukkelijke waardering uitspreken voor uitgeverij Lemniscaat. Vanuit commercieel oogpunt had de nieuwe vertaling er vermoedelijk niet hoeven komen. De oude Grimm was een begrip en daarmee naar alle waarschijnlijkheid een everseller. Lemniscaat heeft met dit grote uitgeefproject laten zien dat ze het waard is belangwekkend cultureel erfgoed als de sprookjes van Grimm in haar fonds te hebben.

    Maar het grootste compliment gaat uiteraard naar vertaalster Ria van Hengel, die subliem werk afleverde. De eerdere vertaling liet nogal wat te wensen over; de tekst was stijf, droog en soms zelfs per sprookje wisselend van kwaliteit. Van Hengel zorgde voor eenheid in de bundel. Haar tekst is 558 bladzijden lang constant van hoog niveau: soepel en ritmisch.
    Zeer zorgvuldig heeft zij telkens gekozen voor een toegankelijke stijl, zonder dat de oude sprookjessfeer verloren is gegaan. Waar het bij het voorlezen van de oude Grimm nodig was moeilijke woorden voor jonge luisteraars te vertalen, is dat met deze nieuwe vertaling niet langer nodig.

    De jury vindt het een geruststellende gedachte dat er naast de talrijke en vaak tenenkrommende hervertellingen van de sprookjes, één standaardwerk voorradig blijft. De nieuwe uitgave zal die rol met glans kunnen vervullen, want er is ook zorg gedragen voor uitgebreide, duidelijke aantekeningen achter in het boek over de herkomst, redactiegeschiedenis en symboliek van de tweehonderd sprookjes. Grimm is niet alleen tekstueel een zeer aantrekkelijk boek. De illustraties van Charlotte Dematons zijn schitterend en zullen kinderen verleiden het boek steeds weer open te slaan. De tekeningen van Dematons werden eerder dit jaar al bekroond met een Zilveren Penseel. Nu volgt de Zilveren Griffel voor de vertaling.



  • Ted van Lieshout - Mama! Waar heb jij het geluk gelaten?

    Rapport Ted van Lieshout:
    Buiten categorieën

    Dit jaar heeft de griffeljury één boek buiten de vooraf vastgestelde leeftijdscategorieën bekroond. De poëziebundel Mama! Waar heb jij het geluk gelaten? van Ted van Lieshout kon zij niet plaatsen in één van de categorieën, om de simpele reden dat er gedichten voor alle leeftijden in staan. Bovendien had de jury er moeite mee een dichtbundel te moeten vergelijken met romans of informatieve boeken. Zij heeft de Stichting CPNB verzocht een zevende Griffel buiten de vastgestelde categorieën ter beschikking te stellen en in overweging te nemen vanaf volgend jaar een aparte categorie voor poëzie in het leven te roepen.

    Mama! Waar heb jij het geluk gelaten? is een waardevolle ‘meegroeibundel’. Een boek waar kinderen, jongeren én volwassenen steeds weer iets nieuws in kunnen ontdekken. De jury wil de bundel dus niet uitsluitend als kinderboek zien, maar als een boek dat een leven lang met enige regelmaat herlezen kan worden.

    Veel van de gedichten gaan over een universeel gevoel dat ook nooit over gaat: de onvoorwaardelijke liefde tussen ouders en kinderen. Van Lieshout maakt met zijn poëzie intens voelbaar wat die onvoorwaardelijkheid betekent. Het is een merkwaardig gevoel, dat zich in veel verschillende gedaantes voordoet. Als geborgenheid en geluk, maar ook als angst en verdriet.

    Het gedicht ‘Op stap’, bijvoorbeeld, laat zien hoe fijn het is om te merken dat je vader niet zonder je kan, en jij niet zonder hem. Maar ook hoe datzelfde gevoel je kan beangstigen, want stél dat je elkaar kwijt raakt. Een fragment:

    ‘Mijn vader is gelukkig/ met mij. Hij pakt mijn hand/ om te voelen hoe gelukkig/ precies. Mijn vader durft/ wel in geluk te verdwalen,/ maar alleen als ik hem bij de hand neem./ Zonder mijn hand is mijn vader/ verloren. Daarom bewaar/ ik hem, want ik verlies/ mijn vader niet graag.’

    Verderop lezen we gedichten waarin de ikfiguur bang is zijn moeder kwijt te raken.

    ‘Moeder, soms denk ik, als ik niet kan/ slapen, dat ik op een ochtend opsta en je/ dood zal vinden, of ik kom thuis van school/ en daar lig je levenloos achter de deur, of/ in de keuken, en ik voel aan de theepot/ dat je nog maar net gestorven bent.’

    Van Lieshout gaat grote, hartverscheurende gevoelens niet uit de weg. Hij gaat ze juist te lijf met echte poëtische middelen: eenvoud, helderheid, ernst - met daaronder toch steeds een glimp van troostende humor.
    Bijzonder vond de jury ook het enige gedicht in de bundel dat vanuit het perspectief van de moeder geschreven is. Haar rusteloze bezorgdheid is indringend verwoord.

    Maar niet alle gedichten gaan over de band tussen ouder en kind. Van Lieshout dicht opgewekt, bedachtzaam, verwonderd en grappig over de zee, over een haai met dorst, verhuizen, over zingen en tafeldekken.

    Ter illustratie van de luchtige kant van de bundel, het verrassende optelvers ‘IJsje’.

    ‘IJshoorntje met één bolletje:/ citroen./ IJshoorntje met twee bolletjes:/ citroen, citroen./ IJshoorntje met drie bolletjes:/ citroen, meloen, citroen.’ Steeds hoger stapelen de bolletjes ijs zich op, tot een toren van wel zes bolletjes.

    Het gedicht stelt ongemerkt allerlei vragen, waar jonge kinderen zich van alles bij kunnen voorstellen: Zou de toren omvallen? Kan jij de smaken onthouden? Zou je misselijk worden van zo’n ijsje? Sterk in alle eenvoud.

    Hoewel de Griffeljury zich primair met tekst bezighoudt, wil ze ook het illustratiewerk van Van Lieshout niet onvermeld laten. De mix van foto’s, computer- en pentekeningen, én de uitleg daarover achter in het boek is uniek.

    Bovendien heeft Van Lieshout hiermee een tweede ingang aan zijn boek gegeven; kinderen die niet meteen aansluiting vinden bij de poëzie, kunnen zich urenlang vermaken met de platen.

    Tot slot vermeldt de jury graag dat zij met de zeer verdiende Zilveren Griffel voor Mama! Waar heb jij het geluk gelaten? niet alleen een dichter beloont, maar ook het belang van dit soort prachtige poëzie-uitgaven voor de jeugdliteratuur wil benadrukken.



  • Komako Sakai - Mama, jij bent de liefste

    Rapport Komako Sakai:
    Categorie tot 6 jaar

    Afgaande op de titel lijkt Mama, jij bent de liefste van de Japanse Komako Sakai het zoveelste suikerzoete prentenboek over ‘kusjes geven’ en ‘houden van’. Zo’n boek dat vooral ouders graag kopen, omdat ze er in het verhaal goed vanaf komen.
    Wat een misleiding! Dit prentenboek is juist een voortreffelijk antwoord op al die onrealistische, aaibare verhaaltjes. Want ouders zijn vaak helemaal niet leuk, laat Sakai zien. Konijn heeft het zelfs helemaal gehad met zijn moeder. ‘Mama’, zegt hij, ‘jij bent de liefste NIET!’ Ze slaapt veel te lang uit, is altijd meteen boos, ze kijkt stomme televisieprogramma’s en jaagt Konijn de hele dag op, terwijl ze zelf uren met een vriendin staat te kletsen. Konijn ziet maar één oplossing: weglopen.
    De eenvoudige, korte zinnen zijn op zichzelf niet erg bijzonder. Wat de tekst sterk maakt, is de manier waarop ze achter elkaar zijn gezet. Trefzeker bouwt Sakai met de prikkelende, provocerende uitspraken van Konijn een enorme spanning op. De lezer voelt: deze stroom verwijten kan niet zonder consequenties blijven. Als dat maar goed gaat. Toch gloeit in Mama, jij bent de liefste door alles heen de onvoorwaardelijke liefde tussen moeder en kind. Auteurs van de eerder genoemde zoetsappige boekjes, kunnen wat dat betreft nog wat van Sakai leren. In Mama, jij bent de liefste is de liefde vóelbaar en daar komen bij Sakai geen duizend kusjes aan te pas.

    Tekst en tekeningen vullen elkaar aan, zoals dat in een goed prentenboek hoort. De platen zijn krachtig van vorm en kleur en geven soms een grappige draai aan de tekst. Als er staat ‘Mama, jij wordt altijd meteen boos’, zien we bijvoorbeeld dat Konijn ‘per ongeluk’ de hele badkamer onder water heeft gezet…

    Komako Sakai heeft in Japan elf prentenboeken uitgebracht en alleen Mama, jij bent de liefste is in het Nederlands vertaald. De jury is erg benieuwd naar haar andere werk. Als het net zulke herkenbare én tegendraadse prentenboeken zijn als Mama, jij bent de liefste, zal het wellicht niet bij deze Zilveren Griffel blijven.



  • Sylvia Vanden Heede - Vos en Haas en de dief van Iek

    Rapport Sylvia Vanden Heede:
    Categorie vanaf 6 jaar

    Dat Vos en Haas en de dief van Iek, in navolging van de eerste drie boeken over het dierenduo, een doorslaand succes zal zijn bij kinderen, staat voor de jury vast. Waarom? Omdat Sylvia Vanden Heede haar lezers, hoe jong en onervaren ook, volledig serieus neemt. Ze biedt ze, ondanks de taalkundige beperkingen bij het schrijven op AVI-niveau, een volwaardige, slapstickachtige schelmenroman waar niets aan ontbreekt. Kinderen zullen zich geen moment realiseren een lees-oefenboek in handen te hebben. Vanden Heede geeft ze daarmee het maximale vertrouwen in hun eigen kunnen: ze lezen zélf een écht boek.

    In Vos en Haas en de dief van Iek bedient Vanden Heede zich vrolijk van alle karikaturale clichés uit het boevengenre, ondersteund door de meesterlijke tekeningen van Thé Tjong Khing. Meteen na de eerste bladzijden is de verhouding tussen hoofdpersonen Neef en Jak duidelijk. Neef is de dikke, domme figuur die net als Jak boef wil zijn. Maar hij is lang niet zo slank en sluw als Jak en heeft bovendien geen oogmasker en zwart-wit gestreepte trui, wat toch een vereiste is als je boef wilt zijn.

    Toch mag hij met Jak meedoen en een snood plan verzinnen. Snood moet het zijn, want dat is erger dan boos en dus beter. Ze gaan Vos en Haas bestelen! Maar bij het huisje van Vos en Haas horen de boeven moederkip Tok over haar kuiken Iek zeggen dat hij een schat is met hart van goud. Alle plannen worden over boord gezet. Jak en Neef móeten Iek te pakken krijgen. Een schat met een hart van goud levert vast veel geld op! Het hele boek is doorspekt met dit soort komische misverstanden. Jak is een bankrover omdat hij de sofa van Vos wil jatten. Toch? Of steelt hij ook geld? Doordat Neef bijna alle spreekwoorden die Jak gebruikt letterlijk opvat, en daar discussie over ontstaat, worden lezers ongedwongen vertrouwd gemaakt met beeldspraak en de dubbele betekenis van woorden. Hoewel elke spreekwoordgrap in de kern op hetzelfde neerkomt, stoort dat nergens. Telkens goochelt Sylvia Vanden Heede zo met haar taal dat het geen oervervelende herhaling van zetten wordt.

    Dat kinderen de technische leesvaardigheden goed ontwikkelen, is belangrijk. Maar de jury hecht er eveneens veel waarde aan dat kinderen kunnen ervaren dat lezen plezierig is. Dat ze ontdekken hoe ze in gedachten een wereld kunnen bouwen met de woorden die ze lezen. Vos en Haas en de dief van Iek is een schoolvoorbeeld van hoe het ideale lees-oefenboek eruit moet zien. Goed geschreven, met oog voor het niveau van de lezers, maar bovenal ongelofelijk enthousiasmerend. De jury bekroont Vos en Haas en de dief van Iek van harte met een Zilveren Griffel.



Vlag & Wimpel

Naar de overzichtspagina

Delen