J.C. Bloem-poëzieprijs 2005

Winnaar

  • Hagar Peeters - Koffers zeelucht

    De jury van de tweede J.C. Bloem Poëzie prijs voor de beste tweede bundel, bestaande uit Ruben van Gogh, Jeltje van Nieuwenhoven (jury voorzitter) en Jean Pierre Rawie, was zeer te spreken over de kwaliteit van het toegestuurde werk. Twintig bundels in totaal. Wel viel het haar op dat een aantal uitgeverijen meende te mogen concluderen, dat een tweede titel bij hún fonds van een bepaalde dichter, automatisch ook de tweede bundel van die dichter inhield – dat was tenminste haar verklaring voor het aantreffen van recent werk van de al langer opererende dichters Nachoem M. Wijnberg en Serge van Duijnhoven. Ook trof zij het zelfs als zodanig geafficheerde debuut aan van Marije Langelaar. U begrijpt dat zij deze, overigens niet onaardige bundels, buiten beschouwing heeft moeten laten; waarna er nog altijd zeventien overbleven.

    Niettemin is de jury van mening dat zij met de vijf genomineerden – te weten:
    Philip Hoorne met: Inbreng nihil,
    Bart Meuleman met: Hulp
    Hagar Peeters met: Koffers zeelucht
    Marjoleine de Vos met: Kat van sneeuw
    Peer Wittenbols met: Kop van het hoofd

    een reeks uitstekende dichters en titels naast elkaar heeft staan, die zij u zeker allen van harte aanbeveelt te lezen. De reeks kan gezien worden als een blauwdruk voor het brede palet aan stemmen dat zo kenmerkend is voor de hedendaagse Nederlandstalige poëzie. Hetzelfde geldt ook voor de uitgeverijen van deze bundels, waaronder het relatief nieuwe 521. Dit alles was geen opzet natuurlijk, de jury heeft zich laten leiden door de kwaliteit van het werk en het daaraan gekoppelde leesgenot.

    De jury prijst zich gelukkig dat zij binnen dit vijftal geen hiërarchie hoeft aan te brengen, een nummertje 1 t/m 5; het zou onrecht hebben gedaan aan de afzonderlijke bundels van deze dichters. Het uitroepen van een winnaar, of beter gezegd misschien, een prijswinnaar of prijsbegunstigde, is al zwaar genoeg, maar draagt in ieder geval in zich het maken van een keuze. En dat is wat de jury heeft gedaan: zij heeft gekozen.

    De jury heeft gekozen voor een lyrische poëzie. Bewonderenswaardig lyrisch, zoals een van hen het uitdrukte. Zij, de poëzie dus, heeft de neiging om regelmatig uit een te waaieren in klank en betekenissenassociaties, maar wordt door de dichter steeds vakkundig beteugeld, zoals een jong dier wel eens met vier poten tegelijk op wil springen, maar dankzij de zwaartekracht op aarde blijft.

    Zij, de poëzie dus, durft schaamteloos lichamelijk te zijn, en blijft toch altijd taal. Maar taal en lichaam komen niet vaak dichter bij elkaar dan in deze bundel. Zij, de poëzie, slaat dan af en toe misschien reeds betreden paden in, maar zij herontdekt die paden alsof zij er nooit waren. Restaureert ze en passant, zodat ze weer een tijdje meekunnen. Zij, de poëzie, klinkt alsof de lente er continu in op de loer ligt; zelfs al is de stemming die van donkerder seizoenen. Zij, de poëzie, kenmerkt zich door liefde, veel liefde, voor taal: muzikale taal, bezwerende taal, vervoerende taal.

    Zij, de dichter, is Hagar Peeters met: Koffers zeelucht.

    Het is de jury een grote eer haar met deze bundel tot winnaar van de tweede J.C. Bloem Poëzie prijs te mogen uitroepen.

Genomineerd

Naar de overzichtspagina

Delen