Nederlands-Vlaamse Toneelschrijfprijs 1989

Winnaar

  • Judith Herzberg - Kras

    Het blijft verbazen dat er jaarlijks zoveel oorspronkelijk Nederlandstalige toneelstukken worden geschreven. De jury verzamelde ongeveer 150 teksten waarvan er na toetsing aan formele criteria zo'n 100 overbleven om te lezen. Alleen oorspronkelijk Nederlandstalige theaterteksten die tussen l juni 1988 en l juni 1989 voor het eerst werden opgevoerd kwamen in aanmerking. Vertalingen, bewerkingen, teksten voor cabaret, poppentheater en libretti werden buiten beschouwing gelaten.

    Het gangbare professionaliteits-criterium werd niet gehanteerd als strikt formele eis vooraf voor de auteur of het gezelschap, maar gold louter als kwaliteitsvraag.

    In het aanbod van jeugd- en kindertheater viel opnieuw Heleen Verburg op. Haar poëtische Winterslaap raakte essentiële gevoelens. Het draagvlak van het jeugd- en kinderdrama blijft erg smal; de kloof tussen de vele onbeduidende en de zeldzame goede teksten is angstaanjagend groot. Bovendien blijken de enkele goede teksten vergeleken met het drama dat niet voor kinderen wordt geschreven toch ook iets tekort komen in talige- en menselijke rijkdom.

    Hoewel een aparte prijs niet opportuun is, blijft specifieke stimulerende aandacht voor dit jonge specialisme noodzakelijk. De 'concurrentie' met het 'andere' drama kan vruchtbaar zijn; alleen al de afweging ter gelegenheid van deze prijs signaleert de structurele problemen in het jeugd- en kindertheater.

    Waar deze prijs geen vat op heeft, is dat niet iedereen beseft dat theater schrijven voor kinderen artistiek en intellectueel even aantrekkelijk is als schrijven voor volwassenen. Winterslaap levert daarvoor onomstotelijk het bewijs.

    Mutatis mutandis stellen we dat bij het Vlaams theater ook een afgrond gaapt tussen alleen maar goedbedoeld schrijfwerk en die enkele hoogstaande, prikkelende toneeltekst.

    Het is te vroeg om de invloed van de creatieprijs die de Vlaamse overheid vorig jaar heeft ingesteld op het toneelschrijfklimaat in Vlaanderen te evalueren. We willen nochthans waarschuwen voor 'oneigenlijk gebruik' van deze op vernieuwing gerichte stimulans voor toneelschrijvers; te vaak werken premies als extra vergoeding voor een voortgezette risicoloze politiek van instellingen die wars blijven van elke zelfkritiek.

    De Vlaamse teksten die ons opvielen zijn 'kleine' drama's. Ward Comblez; He do the life in two voices van Josse de Pauw, deskundig begeleid door Peter van Kraaij, bezit onmiskenbare literaire en emotieve kwaliteit. De tekst kleeft echter zeer aan de acteur/auteur; de vraag is of de tekst reproduceerbaar is. Eric de Volders Achiel de Baere is een sociaal-dramatisch kleinood, waarin een herkenbare menselijke anecdote kracht uitstraalt door de elementaire verdichte taal. Helaas blijft het toch wat te begrensd en vluchtig.

    Van de Nederlandse auteurs vestigde Rob de Graaf zich nadrukkelijk als toneel-auteur. Op virtuoos-vanzelfsprekende manier weet hij lichamelijke warmte en kilte in toneeltaal te vatten. Zijn teksten - Maria boodschap in het bijzonder - stralen een aan naïviteit grenzende gedrevenheid uit, om de dingen op en buiten de scène opnieuw te benoemen, om er tegelijkertijd een ander universum mee op te roepen. In zijn korte teksten aarzelt hij echter om dat universum uit te vergroten. De tragedische allure die hij aanzet, blijft te vroeg steken. Hij zou zichzelf meer ruimte moeten gunnen.

    Albert Blitz viel, evenals Rob de Graaf, alleen al op door de hoeveelheid gecreëerde teksten. Een opmerkelijke debutant, met een ongeremde, eigen stijl, waaruit de noodzaak spreekt om met woorden een onwelwillende wereld op te roepen. Zijn stukken komen traag op gang, in gecondenseerde, soms versluierende formuleringen. Precies dit nadrukkelijke hermetische karakter leidt tot verminderde aandacht voor de kern van zijn drama's: de abstracte helderheid die langzaam aan het licht komt in zijn uitgebluste personages, Dat de toneelschrijfprijs 1989 zijn vruchten af heeft geworpen - waarom zouden we onszelf dat niet wijsmaken - blijkt uit de kwaliteit van Frans Strijards' Gesprekken over Goethe?. Zowel wat betreft talige vernietigingskracht, als het raffinement in de plot en de helderheid in de personage-ontwikkeling is dit stuk weer een stap voor uit ten opzichte van het vorig jaar bekroonde Hitchcock's driesprong.

    Wittgenstein Incorporated is een filmscript van Peter Verburgt. Het kreeg in handen van enkele bekwame theatermakers grote en zelfstandige theatrale waarde. De buitengewone intellectuele impact was voor de jury reden tot discussie. Waar voor de één sprake is van een intellectuele kaal slag, die emotieve waarde heeft doordat het de fundamenten van onze al dan niet rationele oordeelsvorming aantast, wordt de ander overspoeld door een in één richting opgestuwde taalvloed, die niet meer werkelijk verbonden blijft met de concrete menselijke bekommernis. Het feit dat theatrale kracht van het gedreven en zorgvuldig opgebouwde filmscript Wittgenstein Incorporated pas op de toneelvloer werd onthuld, gaf de door slag om het niet in aanmerking te laten komen voor de toneelschrijfprijs.

    De Wijsheid van Jezus Sirach schrijft: 'Uw goud en zilver bindt tezamen, en maakt voor uw woorden een weegschale.' Deze zorgvuldigheid namen we in acht bij het afwegen van de twee toneelstukken die we uiteindelijk overhielden: Op de hellingen van de Vesuvius van Wanda Reisel en Kras van Judith Herzberg. Beide teksten behandelen en benaderen het verleden van een groep mensen, een cel in de samenleving die niet meer vruchtbaar kan worden gemaakt. Op de hellingen van de Vesuvius is hierin minder onverbiddelijk dan Kras.

    Judith Herzberg kiest in Kras op het eerste gezicht voor een ouderwets theatercliché: het realistische familiedrama. Al snel ontstaat een onontkoombare spanning, veroorzaakt door het motief achter de merkwaardige en wrange familiereünie: een geheimzinnige, alsmaar terugkerende ensteeds weer onopgeloste inbraak in het huis van de moeder, waarbij niets gestolen wordt, maar wel alles vernield. Deze dramatische ingreep in een ogenschijnlijk familiedrama confronteert ons met een onuitgesproken en waarschijnlijk rampzalig verleden, beleefde realiteit of een overgeleverde herinnering, dat de familieleden verbindt. Ze delen ook een toekomst, die niet bestaat, of die hoogstens bij nul kan beginnen. Zij hebben hun wortels, de grond is niet uitgedroogd, maar ze zuigen enkel vergiftigd water op. Alles misgroeit; menselijke verhoudingen nemen wanstaltige vormen aan.

    In Kras lijkt de liefde stervend. Maar de betrokkenheid van een schrijfster, die haar personages heeft afgepeld en prijsgegeven, voorkomt de dood. Judith Herzberg schrijft over het cynisme heen, maar niet zonder in de donkerste kerkers van de ziel te zijn afgedaald. Ze formuleert geen woord teveel, meet haar zinnen nauwkeurig af en omzeilt elk voorspelbaar effect. Met haar personages beent ze ook de taal uit. Dan ontstaat theater.

    De jury kent dan ook met het grootste genoegen de Nederlands-Vlaamse Toneelschrijfprijs 1989 toe aan de schrijfster van Kras Judith Herzberg.

    De jury van de Nederlands-Vlaamse Toneelschrijfprijs 1989 bestond uit:
    Eric Antonis
    Pauline Mol
    Klaas Tindemans
    Jacq Peters


Genomineerd

  • Wanda Reisel

    Rapport Wanda Reisel:
    De Wijsheid van Jezus Sirach schrijft: 'Uw goud en zilver bindt tezamen, en maakt voor uw woorden een weegschale.' Deze zorgvuldigheid namen we in acht bij het afwegen van de twee toneelstukken die we uiteindelijk overhielden: Op de hellingen van de Vesuvius van Wanda Reisel en Kras van Judith Herzberg. Beide teksten behandelen en benaderen het verleden van een groep mensen, een cel in de samenleving die niet meer vruchtbaar kan worden gemaakt. Op de hellingen van de Vesuvius is hierin minder onverbiddelijk dan Kras.

    Wanda Reisel confronteert haar personages minder diepgaand met het uitzichtloze en het zwarte, In de poel van onmacht is er toch nog ruimte voor respect. Zij schrijft in een dwingende, poëtische en tegelijkertijd verharde taal een stuk van een behaaglijk lijkende warmte. De spanning huist in de soberheid, hoogstens wat verstoord door de doodse tirades van de moederfiguur. Theatraal bijzonder sterk is het beeld van de gebochelde, schurftige dichter Leopardi, als metafoor voor een innerlijke kwaal die niet meer aan dit concrete personage gebonden is.



Naar de overzichtspagina

Delen