PrinsjesBoekenprijs 2014

Ga direct naar

Uitreikingsrapport:

Prinsjesboekenprijs 2014 Juryrapport:

Voor de tweede keer wordt de prijs toegekend voor het beste Nederlandse politieke boek van het jaar. Vorig jaar constateerde de jury dat het aanbod groot was, met een behoorlijk aantal heel goede boeken. De oogst van dit jaar heeft die van vorig jaar overtroffen. Niet alleen hebben we meer boeken beoordeeld, de kwaliteit was in veel gevallen hoog.

De initiatiefnemers van de prijs wilden het belang onderstrepen van boeken over politiek Nederland. De grenzen zijn daarmee ruim getrokken. De boeken waren dus weer zeer divers wat betreft onderwerp, aanpak en beoogd publiek. Biografieën, beschouwingen, kronieken, analyses en essays; boeken over personen, politieke partijen, politieke thema’s, politiek en media. Er wordt wel eens geklaagd over gebrek aan historisch bewustzijn in de politiek. Als dat zo is dan ligt het niet aan gebrek aan boeken over de geschiedenis en over de historische context van de politieke werkelijkheid van vandaag.

Uit een mooi aanbod aan boeken, die elk op eigen wijze bijdragen aan begrip van de politiek en tot reflectie uitdagen, hebben we de volgende drie genomineerd. De variatie in het aanbod wordt daarin bevestigd: een boek over de geschiedenis van ons land met speciale aandacht voor de politieke instituties, een boek over de manier waarop burgers betrokken worden bij het openbaar bestuur en een boek over twee eeuwen politieke cultuur in Nederland.

De lovende kwalificaties van de drie genomineerde boeken mogen duidelijk maken dat de noodzaak één boek als het beste te kiezen een luxeprobleem was. De grote verschillen in onderwerp en aanpak tussen de boeken van Koch, Van Reybrouck en De Rooy maken de vergelijking op de schaal van ‘het politieke boek ’ in zekere zin ook betrekkelijk.

Niettemin is het met overtuiging dat de jury als prijswinnaar aanwijst een boek dat verplichte kost zou moeten zijn voor iedereen die zich roert in het politieke debat, dat tegenwicht geeft aan de hijgerigheid die de politiek vaak kenmerkt.

De winnaar van de Prinsjesboekenprijs 2014 is Piet de Rooy met zijn Ons stipje op de waereldkaart



Winnaar

  • Piet de Rooy - Ons stipje op de waereldkaart

    Historicus Piet de Rooy is als weinig anderen thuis in de geschiedenis van de politieke cultuur in Nederland. Hij was betrokken bij onderzoek naar de verzuiling; later gaf hij mee leiding aan een breder onderzoek naar de manier waarop de Nederlandse samenleving zich in de 19e en 20e eeuw in politiek opzicht heeft ontwikkeld. Zijn grote kennis en beheersing van het historische materiaal heeft hem in staat gesteld een boek te schrijven dat verrassende nieuwe inzichten geeft in de politieke cultuur van Nederland.

    De Rooy maakt zijn lezers bewust van de tekortkomingen van het standaardbeeld waarmee wij naar onze geschiedenis hebben leren kijken. Dat Nederlanders zo goed zijn in polderen heeft wellicht minder te maken met de strijd tegen het water dan met het simpele feit dat wij als klein landje ons niet teveel onderlinge strijd kunnen veroorloven. De voorstelling dat het succes van de verzuiling verklaard kan worden vanuit het voordeel van rust door compromissen van de elites is wellicht te simpel. En realiseren we ons dat de zo vertrouwde verbinding van politiek met terreinen als arbeid en zorg pas in de loop van de 19e eeuw voorzichtig is begonnen te groeien?

    De Rooy laat zien hoe die geschiedenis samenhangt met het ontstaan van politieke partijen, de uitvinding van de politieke ideologie en het parlementaire revisionisme van de socialisten. Door de rustige en goed gedocumenteerde analyses stimuleert De Rooy tot zelfstandig denken. Onze clichés over het verleden kloppen niet altijd. Misschien ook niet – laat De Rooy je denken – die over actuele onderwerpen als schuivende panelen, grilligheid van kiezers, populisme of participatiesamenleving. Het boek van De Rooy geeft te denken en kan helpen de discussies over de Nederlandse politiek meer diepgang te geven.



Genomineerd

  • Jeroen Koch - Koning Willem I

    Rapport Jeroen Koch:
    Zeker in de 19e eeuw is de geschiedenis van de Nederlandse monarchen voor een belangrijk deel ook de geschiedenis van de Nederlandse politiek. De biografie die Jeroen Koch schreef over koning Willem I kan daarom volop meedingen naar de prijs voor het beste Nederlandse politieke boek.

    De jury stond bij de keuze van dit boek wel voor een speciale moeilijkheid. Vorig najaar verschenen namelijk gelijktijdig prachtige biografieën over de drie Nederlandse koningen in de 19e eeuw. De auteurs Jeroen Koch, Jeroen van Zanten en Dirk van der Meulen hebben in hun onderzoek en in onderlinge afstemming bij het schrijven samengewerkt. En de drie biografieën vormen gezamenlijk een indrukwekkend monument van geschiedschrijving. Wij hebben de boeken uiteraard toch Afzonderlijk gelezen en besproken – met veel waardering! Voor de nominatie van drie boeken voor de prijs heeft de jury gekozen voor het boek van Jeroen Koch.

    Koch heeft een meesterlijke biografie van koning Willem I geschreven. Op basis van onderzoek van veel primaire bronnen en vanuit een brede kennis van de Europese geschiedenis heeft de auteur een levendig beeld getekend van de persoon Willem Frederik, van de erfprins van Oranje, prins Willem VI, koning Willem I en tenslotte graaf van Nassau. Het verhaal over zijn leven in familie en in persoonlijke relaties wordt door Koch knap verbonden met de politieke geschiedenis van Europa en van de lage landen. De Europese verhoudingen werden destijds sterk bepaald door de vorstenhuizen en hun onderlinge relaties. Koch’s beschrijving daarvan geeft daarvan een levendig beeld. Dit overzicht is ook relevant voor het begrijpen van geschiedenis van Europa in de 20 eeuw, van de Grote Oorlog en daarna. Het verhaal van de autocratische koning, die als zakenman bouwde aan Nederland, die een positie aanvaardde in de constitutionele monarchie, maar wel voortdurend een moeizame verstandhouding had met ministers en parlement, geeft zicht op de geschiedenis van de Nederlandse politiek. Een verdienste van Koch’s boek is ook dat het toegankelijk is geschreven.



  • David Van Reybrouck - Tegen verkiezingen

    Rapport David Van Reybrouck:
    David van Reybrouck heeft zich op een spraakmakende manier gemengd in het debat over de staat van de democratie, ook in Nederland. Hij deed dat ook metterdaad, door het experiment van de G1000, de inrichting in België van een volksvertegenwoordiging niet op basis van verkiezing, maar van loting. Deze benadering trok aandacht. Zou hier een antwoord te vinden zijn voor de kloof tussen samenleving en de politieke elite? Ook in Nederland maakt Van Reybrouck school. Bijvoorbeeld is na de laatste gemeenteraadsverkiezingen in Amersfoort een beraad met burgers georganiseerd dat was geïnspireerd door de G1000.

    In een meeslepend geschreven betoog heeft Van Reybrouck zijn ideeën gepresenteerd. De Representatieve democratie is vastgelopen, betoogt hij. Het succes ervan in de 19e en een groot deel van de twintigste eeuw was te danken aan de emancipatie van burgers door politieke partijen en een sterk maatschappelijk middenveld. Maar dat maatschappelijk middenveld is verkruimeld en de politieke partijen hebben zich ontwikkeld tot voertuigen van de elite. Van Reybrouck ziet niets in lapmiddelen. We moeten inzien dat het idee van verkiezingen deels is achterhaald. In zijn boek Tegen verkiezingen biedt Van Reybrouck daarvoor aansprekende argumenten. In kort bestek laat hij zien dat verkiezingen helemaal niet zo vanzelfsprekend democratisch zijn.

    Van Reybrouck’s opvattingen zijn omstreden, maar ze snijden hout en zijn intelligent verwoord. En door de retorische kracht van zijn boek weet Van Reybrouck in brede kring debat uit te lokken. Voor de bezinning op de grondslagen van onze democratie is dat een niet geringe verdienste.



Naar de overzichtspagina

Delen