AKO-Literatuurprijs voor A.F.Th.

Gepubliceerd: 06-11-2007

‘Wij hebben voor een onontkoombaar boek gekozen dat, geschreven in een prachtige stijl, de mens laat zien op het scherp van de snede.’ Met deze woorden maakte Gerlach Cerfontaine, voorzitter van de jury van de AKO-Literatuurprijs 2007, bekend dat hij en zijn mede-juryleden Johan De Haes, Margot Dijkgraaf, Jeroen Overstijns, Rob Schouten en Jacqueline van der Linden- Piret de roman Het schervengericht van A.F.Th. hadden bekroond met de prijs, goed voor een bedrag van 50.000 euro.

Bezinning
‘Een avond van bezinning,’ noemde Van der Heijden in Pauw en Witteman de uitreiking, maandagavond in Paleis Het Loo. Hij zat met zijn gezelschap niet bij de andere gasten, maar in de voormalige werkkamer van Prins Bernhard. Hij zei te pleiten voor een herstel van omgangsvormen, ‘ook onder schrijvers’. Hij verwees daarmee naar de polemiek met Arnon Grunberg die in een paar weken zo fel en persoonlijk was geworden dat hij vorige week vrijdag in de Volkskrant schreef dat hij niet meer dezelfde ruimte met Grunberg wilde delen. ‘Ik zou het obsceen vinden om met zo iemand voedsel tot me te nemen.’

Spel
Toen hem in het NOS Journaal werd gevraagd werd of het winnen van de prijs na die affaire niet ook een zoete wraak was, antwoordde hij dat Grunberg intussen naar hem toe was gekomen, met een kind op de arm, en hem een hand had gegeven. ‘Hij weet ook wat het is voor een kind te zorgen. Ik denk dat onze controverse helemaal niet diep gaat. Het is gewoon een spel.’ In het Journaal en voorheen ook in Pauw en Witteman benadrukte hij overigens de rol van uitgeverij Querido bij het tot stand komen van de roman. Elke dag, ’s ochtends vroeg en soms ook ’s avonds, waren medewerkers langsgekomen om hem bij te staan. ‘Die solidariteit wil ik hier roemen.’

Manson en Polanski
‘Een feest van de fantasie,’ noemt de jury de meer dan duizend pagina’s van Het schervengericht. De hoofdstukken ervan ‘dansen op de gloeiende stukken kool van onze tegenwoordige tijd’. In de roman draait het om de figuren Scott Maddox en Remo Woodehouse, in wie respectievelijk de hippieleider Charles Manson en de regisseur Roman Polanski te herkennen zijn. Om molestatie door medegevangenen te voorkomen zitten ze, onder schuilnaam en in vermomming, opgesloten in een extra beveiligde afdeling van een gevangenis in California.

Spiegelbeeld
Remo Woodehouse is wegens seksueel contact met een minderjarig meisje veroordeeld. In een medegevangene met een omzwachteld hoofd komt hij als het ware zichzelf tegen. In een interview met Annemiek Neefjes d.d. 1 maart 2007 op Literatuurplein vertelde Van der Heijden hoe hij twintig jaar geleden in een café in Parijs de 1,55 meter korte Roman Polanski voorbij had zien lopen en in een flits had beseft dat die even klein was Charles Manson. ‘Ze vormden elkaars spiegelbeeld, ook in hun kwikzilverachtige bewegingen.’ Hij vroeg zich toen af wat voor gesprek ze bij een eventuele ontmoeting zouden voeren.

Gespleten mens
Ondanks hun vermomming worden Maddox en Woodehouse door het patroon van wederzijds aantrekken en afstoten voortdurend met zichzelf geconfronteerd. ‘Daar, met die twee mannen tegenover elkaar, staat de gespleten mens, Homo Duplex. Samen vormen zij de allegorie van de cyclus.’ Aldus Van der Heijden in het interview met Neefjes. Die cyclus is Homo Duplex, waarvan het eerste boek (deel 0), de proloog De Movo Tapes, in 2003 is verschenen. Hij zelf vermoedt dat dit het meest zelfstandige deel van de cyclus zal blijken.

Parallellen
De moord op de hoogzwangere actrice Sharon Tate en haar vrienden door de volgelingen van Charles Manson is voor hem een mythe van onze tijd, een gebeurtenis die in ons collectief geheugen is verankerd. Zoals hij in Pauw en Witteman vertelde, begon hij aan Het schervengericht na de moord op Theo van Gogh. Hij ziet parallellen tussen de Hofstadgroep en de volgelingen van Charles Manson, die zich door diens orakeltaal lieten meevoeren. Hun slachtpartij beschrijft hij vanuit de beleving van de bijna voldragen baby van Sharon, het zesde slachtoffer.

Kernboek
Remo Woodehouse en Scott Maddox voeren vele gesprekken, maar pas als de eerste beseft dat de ander verantwoordelijk is voor de dood van zijn vrouw en zijn ongeboren kind, komt het tot echt gesprek. Meteen na het voltooien van het nu met de AKO-Literatuurprijs bekroonde boek zette Van der Heijden zich weer aan een Oidipusroman die hij in 2004 ontmoedigd terzijde had gelegd. Die moet het kernboek worden van de cyclus Homo Duplex, dat ‘titanenwerk’ waarin hij als een meester van de verbeelding de wereld naar zijn hand zet, aldus de jury van de AKO-prijs.

Tekst en copyright: Jef van Gool / Literatuurplein (bron: LiTTerair van 6 november 2007