Bernlef overleden

Gepubliceerd: 29-10-2012

‘Ach, wat blijft er van je over… Meestal twee regels, toegeschreven aan een ander. Mijn vrouw heeft net een correspondentie geordend die ik tussen 1960 en 2003 met een bekende kunstenaar heb gevoerd. Handig voor als iemand een biografie wil schrijven. Maar ja, wie wil nu een boek lezen over een man die bijna zijn hele leven aan een bureau heeft gezeten. Ik leef te veel in het heden om me te veel met het verleden bezig te houden. Ik ben nog niet toe aan de geleende tijd.’ Dat zei Bernlef medio juni van dit jaar in een interview dat Guus Bauer voor Literatuurplein met hem had. Aanleiding was zijn 75ste verjaardag en zijn 50-jarige schrijverschap. Behalve met de nieuwe verhalenbundel Help me herinneren werd dat gevierd met Voorgoed, een ruime keuze uit een halve eeuw gedichten. Het zou achteraf een testament blijken. Bernlef is vandaag, na een ziekbed van een paar weken, overleden in zijn woonplaats Amsterdam.

Debuut
Eind jaren vijftig verbleef (de als Hendrik Jan Marsman op 14 januari 1937 te Sint-Pancras geboren) Bernlef in Zweden. Hij kwam er in de ban van wat hij ervoer als een ‘weerbarstig’ landschap. In 1959 stuurde hij een bundel gedichten en een bundel verhalen in voor de Reina Prinsen Geerligsprijs. Voor de dichtbundel Kokkels kreeg hij de prijs, voor de verhalenbundel Stenen spoelen een eervolle vermelding. In die verhalen schreef hij over mensen in de boerendorpen rond Karlstad. In 2000 verscheen dit dubbeldebuut in herdruk bij Conserve.

Vergeten en verdwijnen
Vergeten, vergetelheid en onlosmakelijk daarmee verbonden verdwijnen en sterven zijn belangrijke motieven in het werk van Bernlef. Leven is een proces van voortdurend vergeten. Geheugenverlies, vergeten en verdwijnen spelen al een voorname rol in de cyclus ‘Tien verhalen uit Värmland’ in Stenen spoelen. Daarin heeft het zwijgen van de bewoners van een dorp in Zweden alles te maken met vergetelheid en dood. Ook in een roman als De maker (1971), een geraffineerd spel met werkelijkheid en met vervalsing, gaat het om het feit dat de vervalser ‘zichzelf vergeet’, dat zijn eigen persoonlijkheid verdwijnt in zijn imitaties.

Hersenschimmen
‘Als iemand in de traditionele Eskimo-cultuur overlijdt, gaat zijn naam na een poos over pasgeboren kinderen. Dat is een prachtige poëtische poging de doden levend te houden. Zo’n cultuur gaat uit van een circulair tijdssysteem, terwijl wij de tijd alleen lineair opvatten.’ Dat zei Bernlef eens in een interview. Ook demente mensen houden zich niet aan de lineaire tijdsopvatting. Ze maken als het ware de cirkel rond door weer terug te keren naar het beginpunt. In Bernlefs werk is Hersenschimmen (1984), zijn roman over dementie, een logische (en in enige verhalen reeds voorbereide) stap. Hij durfde het aan te schrijven vanuit de beleving van een dementerende man.

Grensgebieden
Naast vergeten en verdwijnen is grens een kernbegrip in het oeuvre van Bernlef. Grensgebieden fascineren hem: het braakland tussen het platteland en de stad, tussen herinneren en vergeten, realiteit en verbeelding, leven en dood… ‘Dat punt waar echt in onecht overging, die geheimzinnige overgang, daar hebben de mensen geen oog meer voor.’ Dat zegt in de roman De witte stad (1992) een van de bouwers van het lunapark Dreamland. Als het in 1911 geheel uitbrandt, heeft het publiek (in de ban van het nieuwe medium film) er zich al van afgekeerd. Over de beginjaren van de film (en de snel evoluerende verwachtingen van het publiek) schreef Bernlef ook in Boy (2000).

Publiek geheim
De geheimzinnige grens tussen realiteit en verbeelding die Bernlef verkent in zijn romans, beheerst reeds de gedichten in bundels als Stilleven, De kunst van het verliezen en Alles teruggevonden / niets bewaard (respectievelijk uit 1979, 1980 en 1982). Ook in Publiek geheim (1987), zijn roman die werd bekroond met de allereerste AKO Literatuurprijs, speelt hij een subtiel spel met werkelijkheid en fictie. In een oostblokland dat lijkt op Hongarije, is de staatstelevisie belast met het maken van een documentaire over een bejaarde auteur. De opnamen worden gemonteerd in overeenstemming met de partijlijn. De productieassistente maakt echter een alternatieve film. Titel: Publiek geheim.

Veelzijdig
Bernlef was een heel veelzijdig auteur. Zijn bibliografie van rond de honderd titels vermeldt naast verhalen, romans en poëzie ook interviews, vertalingen, toneelwerk, pamfletten, beschouwingen en essays over onder meer literatuur, schilderkunst, fotografie, architectuur, film, onderwijs en uiteraard jazz. In Bernlefs beste (2000) koos hij uit elk van de voornaamste genres die hij beoefende, een titel. Uit zijn essays was dat Opmerkingen over het realisme, uit zijn poëzie Niemand wint. Uit zijn romans koos hij De man in het midden (1976), een combinatie van twee autobiografische novellen over de moed geen stelling te nemen in het leven.

Landschap
Een kenmerkende roman in het oeuvre van Bernlef is ook Buiten is het maandag (2003). De titel is een verwijzing naar het vaak door sneeuw of mist aan het oog onttrokken landschap van Nova Scotia. Letterlijk aan het eind van de wereld gelegen, is Nova Scotia een typisch Bernlef-landschap, groots, raadselachtig, poëtisch, eenzaam en ook vol onverwachte risico's en gevaren. De roman is geschreven op het ritme van de versnipperde herinneringen van de hoofdpersoon, de zestiger Stijn Bekkering die na een ongeluk tien dagen in coma heeft gelegen. De fragmentarische, niet chronologische opbouw heeft Bernlef optimaal benut om de spanning rond de personages op te voeren.

Zwijgen...
In 2008 schreef Bernlef het Boekenweekgeschenk De pianoman, waartoe hij werd geïnspireerd door het verhaal van een verwarde man die in Kent uit de zee was opgedoken. De media verhieven diens niet geheel onverdienstelijke pianospel tot pure virtuositeit en buitelden over elkaar heen om zijn identiteit te koppelen aan die van verdwenen concertpianisten. Uiteindelijk bleek hij een homoseksuele boerenzoon uit Beieren. Bernlef maakte er in zijn novelle een stille plattelandsjongen uit het noorden van het land van en toonde aan hoe zwijgen zoveel interessanter kan zijn dan spreken...

Tekst en copyright: Jef van Gool

Foto's Klaas Koppe:
Midden: Bernlef in 1982.
Onder: Bernlef opent de Boekenweek 2008.

Delen
Koppelingen
Personen