Inktaap 2004 voor Boze tongen van Tom Lanoye

Gepubliceerd: 12-03-2004

Meer dan achthonderd leerlingen uit 86 scholen waren vandaag aanwezig op een feestelijke ontmoetingsdag in het internationaal kunstcentrum deSingel in Antwerpen. Daar werd de Inktaap 2004 uitgereikt aan Tom Lanoye voor zijn roman Boze tongen.

De Inktaap, de opvolger van de Jonge Gouden Uil, is dit jaar aan de derde editie toe. De jury wordt gevormd door circa duizend jongeren uit de hoogste klassen van een tachtigtal scholen voor voortgezet onderwijs in Nederland en Vlaanderen. Genomineerd voor deze editie waren de winnende boeken van de drie grote ‘commerciële’ literaire prijzen: De langverwachte van Abdelkader Benali (winnaar Libris Literatuur Prijs 2003), De hydrograaf van Allard Schröder (winnaar AKO-Literatuurprijs 2002) en Boze tongen van Lanoye (winnaar Gouden Uil 2003). De aanwezige jongeren konden vragen stellen aan en debatteren met Benali en Lanoye. Schröder had laten weten ‘geen boeken voor kinderen’ te schrijven. Wie al eens een uitreiking heeft bijgewoond of bijvoorbeeld een kijkje heeft genomen op de Dag van de Literatuur, weet echter dat scholieren niet alleen een dankbaar en gretig maar ook een kritisch en opmerkelijk deskundig publiek kunnen zijn. Dat merkten ook de juryleden Anna Luyten (Gouden Uil), Johan Vandenbroucke (AKO-Literatuurprijs) en Kees ’t Hart (Libris Literatuur Prijs) die hun keuze kwamen toelichten.

Boze tongen (2002) is, na Het goddelijke monster (1997) en Zwarte tranen (1999), het derde deel van de Monstertrilogie. Welgeteld 1302 pagina’s (een getal met een symbolische betekenis in Vlaanderen) telt dit drieluik over de neergang van een familie die model staat voor de kaste die het land jarenlang middels corruptie in de knip had. Het verdriet van België van de voorbije jaren, met onder meer de bende van Nijvel, de kindermoorden, de Witte Mars, de aanwezigheid van een Vlaamse minister op een fout zangfeest…, het komt allemaal voorbij in deze bijzondere eigentijdse satire.

De eerdere winnaars van de Inktaap, waaraan geen geldbedrag is verbonden, waren Tomas Lieske met Franklin en Harry Mulisch met Siegfried.