Literaire nalatenschap Jean-Paul Franssens overgedragen aan UvA

Gepubliceerd: 19-06-2008

‘”Denk erom,” had hij vaak met profetisch pendelende wijsvinger uitgeroepen, “lui-ui-uister naar Jean-Paul Franssens… roem is tijdelijk, vergetelheid eeuwig.” (…) En hij voegde er op ’t laatst steeds vaker aan toe: “Dus met het naleven van JPF zit het wel goed.”’ Aan die woorden denkt A.F.Th. van der Heijden terug als hij samen met fotograaf Klaas Koppe op de begraafplaats Zorgvlied het graf van zijn vriend Jean-Paul Franssens probeert te vinden. Vergeefs, mede omdat de schrijver ontbreekt op de viplijst van beroemde doden bij de receptiebalie.

Van der Heijden heeft het opgetekend in Voetstampwijnen zijn tandknarswijnen, zijn Requiem voor Jean-Paul Franssens, net verschenen bij Querido. Vandaag is het vijf jaar geleden dat Franssens (1938-2003) overleed. Vandaag ook wordt zijn literaire nalatenschap overgedragen aan de Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam. De nalatenschap bevat onder meer manuscripten, brieven, tekeningen en foto’s, en biedt een gedetailleerd beeld van zijn kunstenaarsbestaan en privéleven. Dat beeld wordt nog verder ingevuld door de Franssens-verzameling die de letterkundige Thijs Wierema tegelijkertijd aan de Bijzondere Collecties schenkt.

De beide verzamelingen zijn een aanvulling op de literaire verzamelingen die al bij de Bijzondere Collecties van de Universiteitsbibliotheek Amsterdam aanwezig zijn, waaronder die van Multatuli, Frederik van Eeden, Albert Verwey, Jacob Israël de Haan en de vorig jaar verworven nalatenschap van de junkiedichter Arie Visser. In totaal beheren de Bijzondere Collecties meer dan twaalf kilometer aan materiaal met zo’n duizend deelverzamelingen: al het bibliotheekmateriaal van vóór 1850, en uit de periode daarna alles wat uniek, zeldzaam of kostbaar is. Tot en met 23 november is er de tentoonstelling Atlas Maior. De wereld van Blaeu te zien.

Tekst en copyright: Jef van Gool / Literatuurplein