P.C. Hooft-prijs 2004 voor Cees Nooteboom

Gepubliceerd: 10-12-2003

Het moeten bijzondere maanden zijn voor Cees Nooteboom. De blijken van erkenning voor zijn verdiensten als schrijver tuimelen als het ware over elkaar heen. In maart werd hem in het stadhuis van Hamburg de prestigieuze Hansischer Goethe-Preis uitgereikt, eerder onder meer gewonnen door T.S. Eliot, Benjamin Britten en Ryszard Kapuscinski. Op de Frankfurter Buchmesse van dit jaar, waar hij een van de absolute sterauteurs was (en waar de eerste drie van de acht delen van zijn Gesammelte Werke werden gepresenteerd), maakte de Oostenrijkse staatssecretaris voor Kunsten en Media bekend dat hem de Oostenrijkse Staatsprijs voor Europese Literatuur 2003 was toegekend. Hij noemde Nooteboom ‘een Europese schrijver par excellence’, die zowel over de Hongaarse opstand in 1956, de meidagen van 1968 in Parijs en de val van de Berlijnse muur in 1989 heeft geschreven. In Spanje, zijn tweede vaderland, is deze week zijn gehele oeuvre bekroond met de Gouden Medaille.

Met deze Europese bijval, die tien jaar geleden al gestalte kreeg in de bekroning van The Following Story (de vertaling van de novelle Het volgende verhaal) met de Aristeion-prijs, was de conclusie gerechtvaardigd dat de kosmopoliet Nooteboom in het buitenland aanzienlijk meer waardering kreeg dan in eigen land. Daar is nu verandering in gekomen door de bekroning van zijn prozawerk met de belangrijkste vaderlandse oeuvreprijs, de P.C.Hooft-prijs. De editie 2004 daarvan wordt hem op 21 mei uitgereikt in het Letterkundig Museum, zo heeft het bestuur van de Stichting P.C. Hooft-prijs vandaag bekendgemaakt.

De jury, bestaande uit voorzitter Elrud Ibsch en de leden Herman Franke, Bas Heijne, Barber van de Pol en Philippe Noble, stelt dat zijn proza wat betreft literaire zeggingskracht, reikwijdte en oorspronkelijkheid tot het beste behoort dat de afgelopen vijftig jaar in Nederland is gepubliceerd. In een reactie in het Radio 1-journaal zei Nooteboom dat de bekroning ‘een erkenning betekent van een leven van inmiddels vijftig jaar schrijven’. Het woord ‘eindelijk’ wilde hij niet in de mond nemen aangezien hem eerder belangrijke prijzen ten deel zijn gevallen, waaronder in 1992 de Constantijn Huygens-prijs, de oeuvreprijs van de Jan Campert Stichting. Toch had hij zelf ook het gevoel dat zijn recentere werk, zoals de roman Allerzielen (1998), in het buitenland veel beter is begrepen dan in Nederland. Aan de P.C. Hooft-prijs is een bedrag van 60.000 euro verbonden.

Voor een kenschets van het werk: LiTTerair van 10 december