De wegen van Couperus (Extaze ; 6)
Recensie door Ezra de Haan (8 mei 2013)
Ik zelf was een dromerig kind

De wegen van Couperus is het zevende nummer van het literaire tijdschrift Extaze dat met een, voor literaire tijdschriften, ongekende ijzeren regelmaat verschijnt. Dat dit Couperus-nummer Extaze 6 is, komt doordat er, nu twee jaar geleden, ook een nulnummer is verschenen.

Extaze begon te verschijnen in de periode dat veel literaire tijdschriften hun subsidie verloren. Sindsdien zijn er dan ook de nodige verdwenen. Ze zijn soms gratis verkrijgbaar bij een krant of leven door als website. Dat juist toen Extaze verscheen is bijzonder. Zonder vaste subsidie weet dit tijdschrift, onder redactie van Cor Gout en Els Kort, nu al zeven nummers lang kwaliteit te leveren. Dit Couperus-nummer is een genot om te lezen!

Op 10 juni 2013 werd Louis Couperus, nu 150 jaar geleden, in Den Haag geboren. Hij was een echte Haagse schrijver en dus het is zeer passend dat een literair tijdschrift als Extaze, waarvan de redactie in Den Haag zetelt, aandacht aan het Couperusjaar besteedt. De essays in dit nummer doen kwalitatief aan die van De Parelduiker denken, ze zijn echter minder wetenschappelijk en daardoor wellicht net iets toegankelijker voor een groot publiek. Vrijwel alle steekwoorden die je te binnen schieten als de naam Couperus valt, kom je in dit nummer tegen. Kloos, dons, dandy, feuilletons, boekbanden, noodlot, Florence, Indië, het staat er allemaal in. De wegen van Couperus is daarom bij uitstek geschikt als je meer te weten wilt komen over de schrijver van grote romans als De stille kracht, Van oude mensen, de dingen die voorbij gaan en Eline Vere.

Bladerend door het tijdschrift, weet je niet waar je moet beginnen. Er is zoveel dat je interesse wekt. Neem de recensie die Willem Kloos over Een lent van vaerzen, Couperus’ eerste dichtbundel, schreef en zijn vernietigende woorden: ‘Als je met een warmen vinger aan zijn poppetjes komt, smelten ze en de suiker blijft aan je vinger zitten.’ Of het gebruik van het woord dons in De stille kracht. Woorden als donzende, donzen, donzig, donzend, aandonzen, donsde, avonddonzen enz. Het broodschrijven van Couperus komt aan bod en daarmee de feuilletons. De dandy krijgt vorm in een essay over de voorbeelden van Couperus en ook het er haast haaks op staande begrip engagement levert een bijzonder beeld van de Haagse schrijver op. Couperus schrijft in Groot-Nederland:

‘-toen heb ik het besluit genomen nooit meer na te denken, niet over God, niet over mijn medemensch en niet over mijn eigen ziel, niet over kunst, en niet over anarchisme.’

Natuurlijk krijgen de boekbanden van Toorop die Couperus’ werk sierden alle aandacht, maar ook datgene wat Toorop en Couperus gemeen hadden. Cor Gout heeft het niet over Extaze, zoals je zou verwachten, maar over Het noodlot. De plaatsen waar de jubilerende Hagenaar woonde, Den Haag, Nice en Florence en de onrust die in de schrijver school worden beschreven.

Zonder de dagen in Indië zou het nummer niet compleet zijn. Die episoden in het leven van Coupers worden dan ook door verschillende schrijvers vastgelegd. Vele gedichten en verhalen in dit nummer staan in het teken van het leven of denken van Louis Couperus. Daarmee is deze Extaze een ode aan Couperus, de grootste schrijver van Den Haag en wellicht van zijn tijd. De wegen van Couperus laat zien hoe belangrijk literaire tijdschriften zijn. Ze zoeken nieuw talent en zorgen ervoor dat hun voorgangers niet vergeten raken. Daarom pleit ik voor structurele subsidie voor Extaze en voor alle andere literaire tijdschriften die er toe doen.