Filippica’s van Amélie Nothomb
Recensie door Jef van Gool (4 juli 2007)
Wat maakt het lezen van de romans van Amélie Nothomb iets om telkens naar uit te kijken? Uiteraard het feit dat ze hilarisch zijn, maar ook dat het hilarische tegelijk iets buitengewoon beklemmends heeft. Neem nou Filippica’s, de vertaling van Les catilinaires (1995), waarvan onlangs een herdruk verscheen bij De Bezige Bij.

Een gepensioneerde leraar klassieke talen en zijn vrouw maken hun levenslange droom waar. Ze gaan wonen op het platteland. Als op de eerste dag hun buurman aanklopt, wordt de uitgedijde lomperik met alle égards ontvangen, al bromt hij slechts ‘ja’ en ‘nee’ en zit hij twee uur lang nurks voor zich uit te staren. En al komt hij de volgende dag weer, en alle volgende, en al beschouwt hij de stoel waarin hij neerploft, prompt als zijn eigendom, de oud-leraar en zijn vrouw blijven beleefd. Dat ben je nu eenmaal als beschaafd mens tegenover vreemden. Pas als deze Palamède Bernardin met zijn ongemanierdheid een oud-leerlinge het huis uitjaagt, is de maat vol. Hij komt er niet meer in. Maar nadat hij een poging tot zelfmoord heeft gedaan, gaat de deur toch weer voor hem open. Alleen de meest drastische maatregel kan dan nog een einde maken aan de terreur van zijn aanwezigheid.

Het begin maart verschenen Cosmetica van de vijand is Nothombs tiende roman. Zakenman Jérôme Angust zit vast op een vliegveld als zijn vlucht voor onbepaalde tijd is vertraagd. Hij wordt aangeklampt door ene Textor Texel, een kletskous die zich niet laat afschudden. Het levensverhaal van deze Texel, die zegt te worden opgejaagd door een innerlijke vijand, is overigens verbijsterend genoeg. Als Angus tenslotte door het lint gaat, valt de vijand in hémzelf samen met Texel. Voor dat soort effecten ben je bij Nothomb aan het goede adres. De roman is opgebouwd uit dialogen. ‘De dialoog is mijn natuurlijke gezel,’ zei ze in Humo. Haar debuut, Hygiëne van de moordenaar, had reeds de vorm van een dialoog. De naam Textor Texel in haar tiende roman doet niet zonder reden denken aan die van de schrijver Pretextat Tach in haar eerste.

Toen Nothomb begon met schrijven, nam ze zich voor ieder jaar in september met een nieuwe roman te komen. Tot nu toe heeft ze woord gehouden. Met die tien romans, vertaald in drieëndertig talen, is zij wereldwijd de best verkopende Belgische auteur. Ze woont afwisselend in Brussel, ‘de beste plaats om te schrijven’, en Parijs, ‘de beste plaats om te leven’.

Bron: Camé Magazine