Bos Bros verfilmt De kleine kapitein van Paul Biegel

Gepubliceerd: 24-05-2003

‘Woorden zijn bakstenen, verschrikkelijk om daar iets van te maken,’ is een bekende uitspraak van Paul Biegel. Toch heeft de ‘Meesterverteller met een Rovershart’, zoals de titel van een aan hem gewijde tentoonstelling in het Letterkundig Museum luidde, van die bakstenen een prachtig sprookjeskasteel opgetrokken, waar zich een uitgelezen gezelschap van kleurrijke personages ophoudt. Onbegrijpelijk dat daar nog niet een filmcrew is neergestreken om De tuinen van Dorr of De Rode Prinses, Nachtverhaal of De kleine kapitein voor het bioscooppubliek vast te leggen.

Met dat laatste boek, in 1972 bekroond met de Gouden Griffel en al wel bewerkt tot strip en televisieserie, gaat dat nu toch gebeuren. Producent Burny Bos, die onder meer Abeltje, Minoes en Ja zuster nee zuster van Annie M.G. Schmidt verfilmde, heeft meegedeeld dat hij werkt aan een Engelstalige film naar het boek, die over twee jaar klaar moet zijn. Hij schrijft zelf het script en heeft Ben Sambogaart (bekend van onder meer Abeltje en De Tweeling) gevraagd de regie op zich te nemen. Distributeur Warner is bereid de film in heel Europa uit te brengen. Als die een succes wordt, verfilmt Bos Bros ook De kleine kapitein in het land van Waan en Wijs (1973) en De kleine kapitein in het land van Schrik en Vreze (1975), de boeken met de verdere avonturen van de kleine kapitein, Dikke Druif, Marinka en Bange Toontje aan boord van de Nooitlek, hun schip dat is gemaakt van een potkachel, een badkuip, een stoelpoot en een fietsketting.

Bos schat de kosten voor het maken van De kleine kapitein op tien miljoen euro. Dat heeft onder meer te maken met het feit dat een deel van de opnames in het buitenland moet gebeuren. Exotische locaties als India zijn nu eenmaal niet na te bootsen in Nederland.