AKO-Literatuurprijs voor De asielzoeker van Arnon Grunberg

Gepubliceerd: 22-10-2004

De jury van de AKO-Literatuurprijs 2004 (voorzitter Paul Rosenmöller en de leden Jos Borré, Elsbeth Etty, Johan de Haes, Judith Janssen en Rob Schouten) heeft unaniem de roman De asielzoeker gekozen tot winnaar. Rosenmöller noemde het een boek ‘dat niet bij de Nederlandse haard blijft zitten’, ‘dat fictie biedt maar iets over de feiten wil zeggen, met even boeiende als tegendraadse ideeën over de menselijke conditie’, ‘dat de lezer schokt maar ook vermaakt, dat je niet kunt lezen zonder geraakt te worden omdat een actueel thema tot weergaloze literatuur is omgesmeed’. Het is de tweede keer dat Grunberg de AKO-Literatuurprijs wint. In 2000 kreeg hij die voor Fantoompijn.

De bekendmaking vond vanavond plaats in Gebouw Cristofori in Amsterdam. De prijs werd in ontvangst genomen door Vic van de Reijt, de uitgever van Nijgh & Van Ditmar waar de roman vorig jaar verscheen. Grunberg zelf was niet aanwezig. Hij zat in een taxi in Bolivia, met een vertaler en enkele anderen op weg naar een school waar hij een lezing zou houden. Via een telefoonverbinding met Beau van Erven Dorens en Albert Verlinde van het programma RTL Boulevard hoorde hij live de aankondiging door Rosenmöller.

In haar nominatierapport omschreef de jury De asielzoeker als ‘de wereld van Arnon Grunberg in optima forma’. De burgerlijke veronderstellingen van onze maatschappij worden er volledig in uitgekleed. ‘De asielzoeker is een soms ontluisterend boek over de willekeur van onze moraal en over modderige menselijke impulsen. Maar het is ook ontroerend en geestig omdat het de absurditeit van het menselijk handelen verbeeldt.’ Grunberg combineert hier de losse toon uit zijn vroegere boeken met de geobsedeerde wereld in zijn Marek van der Jagt-boeken tot een nieuw hoogtepunt.

Christian Beck in de roman woont met zijn vrouw, met wie hij niet getrouwd is, in Göttingen. Hij werkt op een vertaalbureau, zij bij de universiteit waar ze onderzoek doet naar de taal van de dieren, het vervolg op een onderzoek dat ze eerder heeft uitgevoerd in de woestijn rond Eilat. Toen ze daar woonden, was Beck vooral te vinden in bordelen. Op een dag heeft hij er met een schroevendraaier iets gedaan dat hem deed besluiten voortaan zonder illusies door het leven te gaan en alles wat gebeurt gelaten te aanvaarden. En zijn vrouw gelukkig te maken, maar dat is niet erg gelukt. Anders dan hij lijdt zij eronder dat ze allang niet meer intiem zijn.

Als zij erachter komt dat ze terminaal ziek is, heeft zij nog twee wensen: kaas leren maken en trouwen met een asielzoeker. Uit liefde voor haar aanvaardt Beck gelaten de komst van een jonge Algerijn in huis. Wel verwaarloost hij zijn werk op het bureau, waar hij juist heel secuur is in het vertalen van de gebruiksaanwijzingen bij kettingzagen en steps. Hij is zich er voortdurend van bewust dat een fout, heel anders dan in de fictie die hij vroeger heeft geschreven, levens kan kosten. Maar zelfs dat blijkt een misvatting. Nadat een van zijn oudere verhalen, over de aanslag op een bordeel, is herdrukt, zet dat iemand aan om tot actie over te gaan. In een talkshow wordt hem ingepeperd dat hij daarvoor verantwoordelijk is.

De vijf andere genomineerden (Bernlef, Hafid Bouazza, Pam Emmerik, Kees ’t Hart en Ilja Leonard Pfeijffer) waren wel in Cristofori aanwezig. Zij werden twee aan twee geïnterviewd door Van Erven Dorens, Verlinde en Peter van der Vorst, zichtbaar en hoorbaar verbaasd ‘dat het net gewone mensen zijn’. ‘Wat zijn ze leuk allemaal,’ glom Van Erven Dorens. ‘Je verwacht toch dat het allemaal van die Michaël Zeeman-klonen zijn.’ Lijkt me ook niks mee mis, maar door de filmpjes over de genomineerden die de afgelopen dagen in het programma te zien waren, had hij beter kunnen weten. Voorlopig zijn die filmportretjes nog te zien op de site van RTL Boulevard. Meer over de genomineerden in LiTTerair van vandaag.