Literaire videos en podcasts
Tsead Bruinja Door: Iris en Klaas Koppe
Tsead Bruinja schrijft zowel in het Fries als in het Nederlands gedichten. Op het platteland bij Holwerd vertelt hij over zijn keuzes en overwegingen daarbij.
Opnamedatum: 11 augustus 2008.
Herman Brusselmans Door: Erik Jan Harmens (Datum opname: 25-04-2018)
"Dit boek is een soort Vlaamse versie van 'Honderd jaar eenzaamheid', hoewel ik het stilistisch iets sterker vind." Erik Jan Harmens in gesprek met Herman Brusselmans over diens 76ste roman, Feest bij de familie Van de Velde (Prometheus).
Remco Campert Kees van Kooten Door: Iris en Klaas Koppe
Remco Campert heeft het gevoel dat hij altijd een jaar of zeventien is gebleven, de leeftijd van een weifelende, gretige puber. Zestien, zeventien, dat zijn ook Mees, Boelie en Panda in Het leven is vurrukkulluk, het boek dat is ontstaan tijdens een mooie zomer in Amsterdam. Hij woonde toen met een vriend tijdelijk in een huis aan de rand van het Vondelpark en beleefde er, nog vóór Provo, de zomer van een nieuwe jeugd die in opkomst was. Dat gevoel van relaxedheid vertaalde zich in een zin, ‘Het leven is verrukkelijk.’ Al snel werd dat ‘Het leven is vurrukkulluk,’ uitgesproken door een jong meisje, Panda. Toen die zin en het meisje er eenmaal waren, schreef hij het boek in een week of drie.
Een boek waar Kees van Kooten heel veel aan te danken heeft. Voor hem zijn de jaren ’60 door Campert begonnen. Hij was het die het gevoel voor humor bij jongeren, ‘hun gereedschapskist aan woorden’ heeft uitgebreid. Het leven zoals je dat wilde leven, dat vond je voor het eerst terug in Het leven is vurrukkulluk. Er was toen echt een waterscheiding tussen de jongens die Campert lazen en er om moesten lachen en de overigen. Van Kooten heeft dat verwoord in het gedicht ‘Leeflezen’, dat hij voordraagt in deze video die Iris en Klaas Koppe backstage maakten in het DeLaMar Theater bij de voorstelling van Saint Amour.
Opname: DeLaMar Theater Amsterdam, 14 februari 2011
S. Carmiggelt Door: OBA
Registratie van de middag ter ere van de 20ste sterfdag van Simon Carmiggelt op 20 november 2007 in het Theater van ’t Woord in de Openbare Bibliotheek Amsterdam.
Joris van Casteren Door: Iris Koppe en Joey Boink (Datum opname: 16-07-2013)
Wij kunnen ons niet voorstellen dat er iets is dat volstrekt niet spoort met onze logica, aldus Joris van Casteren. Zoiets onlogisch dat ons hele denken in de war schopt, is het menselijk onderbeen dat in de zomer van 2005 werd gevonden in de IJssel bij Wijhe. Van Casteren heeft een voorliefde voor zulke ontregelende onderwerpen en zette alles op alles om te weten te komen wat er gebeurd was. Welke reis heeft het been afgelegd en vooral, aan wie behoorde het toe? Welke leven zat er aan vast?

Zo werd het been weer een mens. Een mens, van wie hij het leven kon reconstrueren. Het leidde tot het boek Het been in de IJssel, waarin hij in een volgende druk een wijziging zal aanbrengen en het verhaal zal vertellen van ‘de ware visser’ en vinder van het been.
Bart Chabot Door: Erik Jan Harmens (Datum opname: 04-03-2016)
Erik Jan Harmens sprak in een hotel in Den Haag met Bart Chabot over diens nieuwe dichtbundel Bananenrepubliek. ‘Proza is een hond,’ stelt Chabot. ‘Die kun je roepen, die kun je aaien, dan gaat ie gewoon lekker liggen. Maar de poëzie, zij is een poes. Die kun je wel roepen, verleiden met melk of brokjes, maar ze komt echt pas als ze daar zelf zin in heeft.’
Luc Coorevits Door: Iris en Klaas Koppe (Datum opname: 11-11-2014)
‘Wat ooit kleinschalig begon in een Leuvense discotheek, groeide in geen tijd uit tot een groots literair productiehuis.’ Dat is te lezen in het juryrapport van de driejaarlijkse G.H. ’s-Gravesande-prijs voor bijzondere literaire verdiensten die onlangs werd toegekend aan Behoud de Begeerte. Al dertig jaar lang geeft deze organisatie Vlaamse en Nederlandse auteurs een professioneel podium op stijlvol georkestreerde literaire evenementen en tournees. ‘Het is een heel Europees en heel oud standpunt te denken dat literatuur alleen bestaat uit boeken. Literatuur hoort ook de planken, gebracht door de auteurs zelf. Behoud de Begeerte heeft dat heel professioneel uitgebouwd. Het is een soort iTunes van de literatuur,’ aldus Tom Lanoye.

Nog tot en met eind dit jaar is in het Letterenhuis de tentoonstelling Behoud de Begeerte: een literaire geschiedenis 1984-2014 te zien. Nog meer informatie is te vinden in het bijna 500 pagina’s tellende Behoud de Begeerte van Matthijs de Ridder, die beklemtoont dat de geschiedenis van de gelauwerde instelling tegelijk een beeld geeft van wat er in die dertig jaar in de maatschappij is gebeurd. Al die jaren is Luc Coorevits de drijvende kracht achter Behoud de Begeerte. Iris en Klaas Koppe bezochten met hem de tentoonstelling in het Letterenhuis en volgden hem naar de Antwerpse Boekenbeurs, waar ze ook spraken met Tom Lanoye en Herman Brusselmans.

Opname: Antwerpen, 11 november 2014.
Paulien Cornelisse Door: Iris en Klaas Koppe
‘U bent toch die vrouw van Paul de Leeuw,’ kreeg Paulien Cornelisse vaak op straat te horen nadat de presentator in zijn programma een keer of vier had gezegd dat hij haar boek Taal is zeg maar echt mijn ding oprecht leuk vond. Het effect bleef niet uit. Vanuit het niets kwam het boek binnen op de zevende plaats in de Bestseller 60, om daarna door te stoten naar de eerste plaats. Voor Paulien Cornelisse die bovendien het afgelopen seizoen met haar eerste cabaretprogramma de theaters inging, is taal het alibi om het te hebben over allerlei dingen die haar bezighouden. Anderzijds is taal voor mensen ook het medium bij uitstek om dingen te verhullen.
Opname: Amsterdam, 25 mei 2009.
Jan Cremer Door: Iris en Klaas Koppe
Van kleins af aan stond het voor Jan Cremer vast dat hij niet zou ondergaan in de anonimiteit, dat hij bekend zou worden, zijn naam zou graveren in de aardbol. Toen hij een jaar of vijftien was, waren zijn plannen al concreter. Hij zou zijn autobiografie schrijven, het verhaal van zijn jeugd en zijn familie, en zou die beginnen met ‘Ik werd geboren…’ Cruciaal daarin was het woord ik, waarmee hij later ook de titel van die autobiografie zou beginnen. ‘Ik doe niet aan valse bescheidenheid,’ aldus Cremer die vertelt hoe hij altijd álles, zijn hele leven, in zijn werk heeft geïnvesteerd (‘Kunst is hongeren, in alle opzichten, in alle eenzaamheid.’), hoe Ik Jan Cremer tot stand is gekomen en hoe het, ondanks alle aanvankelijke tegenstand, kon uitgroeien tot Het Debuut van de Eeuw.
Zie ook het nieuwsbericht over de veiling van het typoscript van Ik Jan Cremer.
Opname: Amsterdam, 14 september 2010
A.H.J. Dautzenberg Door: Erik Jan Harmens (Datum opname: 07-11-2018)
In het jaar voorafgaand aan zijn vijftigste verjaardag hield A.H.J. Dautzenberg (Heerlen, 1967) een dagboek bij, dat onder de titel 'Ik bestaat uit twee letters' als Privédomein verscheen bij uitgeverij De Arbeiderspers. Erik Jan Harmens sprak met de auteur in zijn werkruimte in Tilburg: "Als ik de rest van mijn leven op een kamertje moet zitten met alleen een bureau, een bed en een bank: prima."