Literaire videos en podcasts
Annemarie de Gee Door: Sia Hermanides en Joey Boink (Datum opname: 01-06-2015)
Harrie Geelen Door: Iris en Klaas Koppe
‘Ik ben gewoon Harrie Geelen en ik doe wat ik leuk vind.’ En dat is heel wat: tekenen, schilderen, schrijven, films en clips maken en fuga’s componeren. Belangrijk voor hem is niet dat je iets goed kunt, maar dat je je eigen gang gaat, dat je persoonlijk bent. Zijn tv-series als Kunt u mij de weg naar Hamelen vertellen, meneer?’ en Q en Q schreef hij in de avonduren en het weekend. Overdag was hij copywriter en reclametekenaar bij de Toonder Studio’s, 35 jaar lang, maar in zijn eigen werk, ook voor de televisie, kon hij eigenwijs zijn.

Opnamedatum: 12 februari 2009
Esther Gerritsen Door: Iris Koppe en Bart Voorsluis (Datum opname: 04-02-2014)
‘Esther Gerritsen zoekt in haar proza voortdurend de grens op tussen normaal en zonderling gedrag, en tussen publieke en privézaken. Haar inzet is iets van mensen te snappen, en “fictie is dé manier om te onderzoeken hoe mensen in elkaar zitten”. Gerritsens romans gaan over de binnenwereld van vrouwen, en hoe die intieme wereld kortsluiting maakt met de buitenwereld… Haar absurdistische logica en subtiel-humoristische stem maken iedere zin in haar romans en columns een “typische Gerritsen”. Dat is bijzonder in de Nederlandse letteren…’

Aldus de jury die Ester Gerritsen voordroeg voor de Frans Kellendonk-prijs 2014. Deze prijs voor een auteur die uitblinkt door intellectuele onafhankelijkheid en een oorspronkelijke visie op de maatschappelijke of existentiële problematiek, werd op 24 februari in De Vereeniging in Nijmegen aan haar uitgereikt.

Zij vertelt verder over haar voortdurend veranderende rituelen bij het schrijven en over de research voor haar boeken. Die gaat zo ver dat die daadwerkelijk haar leven beïnvloedt. ‘Dat boek maakt dat ik een ander leven heb en andersom’ Momenteel werkt ze aan een nieuwe roman, Roxy, een road novel over vier vrouwen in verschillende leeftijden.
Opname: Amsterdam, 4 februari 2014, en Nijmegen, 24 februari 2014.
Ronald Giphart Door: Iris en Klaas Koppe (Datum opname: 21-02-2015)
Op zijn zeventiende was het de ambitie van Ronald Giphart fotograaf te worden. Uren bracht hij door in de donkere kamer van zijn vader. Na het lezen van het Boekenweekgeschenk De ortolaan van Maarten ‘t Hart switchte hij echter van de fotografie naar de literatuur. Wel is het altijd zijn ambitie gebleven nog eens een roman over een fotograaf te schrijven.

Dat heeft hij verwezenlijkt in Harem, waarin de zoon van een beroemde fotograaf zich in een Zweedse boshut heeft teruggetrokken om zijn debuutroman te schrijven, over zijn vader en diens generatie en over de generatie van zijn opa. In onze door de beeldcultuur gedomineerde wereld left de taal het steeds meer af tegen het beeld. In Harem heeft hij, gebruikmakend van elementen van het beeld, vormgegeven aan die tegenstelling. Maar ook is Harem een roman over vader-zoonconflict en over liefde en seksualiteit.

Tot slot geeft Giphart nog enkele handige tips voor de deelnemers aan de schrijfwedstrijd van de bibliotheken. Zij maken kans op een reis met hem naar IJsland.
Opname: Amsterdam, 21 februari 2015.
Johan Goossens Door: Iris Koppe en Bart Voorsluis (Datum opname: 09-09-2014)
Toen het niet zo goed ging met de eigen programma’s van cabaretier Johan Goossens, moest hij er een baan naast nemen. Zo werd hij docent Nederlands in het beroepsonderwijs. Na een week had hij al in de gaten dat daar een programma in zat. En een boek: Wie heeft er wél een boek bij zich?, een bundeling van de columns in Het Parool over de cultuurshock die hij als leraar ervoer, over de nieuwe, multiculturele wereld die hij als provinciaal betrad.
Zonder humor red je het niet voor de klas. En je moet ook kunnen relativeren, al zijn er ook columns met pijnlijke verhalen, over leerlingen die echt door het noodlot worden getroffen. Het fijne aan columns voor hem is overigens dat er iedere week een deadline is. Je kunt niet eindeloos blijven schaven. Zo kun je in een jaar toch een boek schrijven.
Opname: Amsterdam, 9 september 2014.
Jonathan Griffioen Door: Erik Jan Harmens (Datum opname: 03-12-2018)
"Ik zou het tof vinden als autisten die deze bundel lezen zoiets hebben van: waarom tyfen jullie allemaal niet lekker op met al die sociale vaardigheidstrainingen, waarom is het niet gewoon OK om autistisch te zijn?" Erik Jan Harmens sprak thuis in Doorn met Jonathan Griffioen over diens tweede dichtbundel: 'Gedichten met een Mazda 626', onlangs verschenen bij Lebowski Publishers.
Bert de Groot Door: Iris en Klaas Koppe
Bert de Groot, lid van de raad van bestuur van uitgeefconcern NDC/VBK en voorzitter van de CPNB, vertelt bij Huize Het Gras in het Friese Greonterp over Gerard Reve, wiens uitgever hij was vanaf 1972 en die hij zijn vriend mocht noemen. Verder gaat hij in op het bestsellerwezen, de toekomst van het boek en de specifieke taak van de uitgever. ‘Uitgeven is niet moeilijk, verkopen is de kunst.’
Opnamedatum: 2 juli 2008.
Arnon Grunberg Door: Erik Jan Harmens (Datum opname: 11-05-2016)
‘Als je nooit grensoverschrijdend gedrag vertoont, dan leef je ook niet echt.’ Erik Jan Harmens sprak met Arnon Grunberg over zijn nieuwe roman Moedervlekken. Een gesprek over de grens tussen liefde en zorg, de intimiteit van ontvoeringen en de kunst van een ander in leven houden.
Matt Haig Door: Erik Jan Harmens (Datum opname: 13-11-2015)

Erik Jan Harmens (1970), dichter en schrijver, onder meer van de roman Hallo muur, ging in een drukbezocht café in Den Haag in gesprek met de Britse schrijver Matt Haig (1975) over diens roman Reasons To Stay Alive, in Nederland in een vertaling van Jan de Nijs (Redenen om te blijven leven) verschenen bij Lebowski Publishers.

Reacties op deze podcast zijn welkom via Twitter (@erikjanharmens), via erikjanharmens@icloud.com of via jef.vangool@kb.nl.
Marijke Hanegraaf Door: Erik Jan Harmens (Datum opname: 12-10-2016)
Vanuit Poëziecentrum Nederland in Nijmegen gaat Erik Jan Harmens in gesprek met dichter Marijke Hanegraaf (1946), die in 2001, dus pas op 55-jarige leeftijd, debuteerde en onlangs bij De Arbeiderspers haar vierde dichtbundel publiceerde: Ergens slapen de anderen. Een bundel over afstand, 'stampen' en geloven, en het vinden van zekerheid (en ook weer niet) in de wetenschap.